Waar is privacy ook alweer goed voor? Soms ben ik het zelf ook even kwijt. Ik sloeg er Koops’ oratie uit 2006 op na, over tendensen in opsporing en technologie. Dat was een helder verhaal over het uitdijende strafrecht, de voortdenderende technologie en de transparante burger die permanent bewaakt, gevolgd en geregistreerd wordt. Die laat zich dit vooralsnog aanleunen. Albert Heijn voorspelt je boodschappen, Google weet wat je gaat zoeken, de NS kent je reisgedrag, de telecomproviders onthouden je bel- en internetgegevens, de bank en de KLM laten de staat (en de VS) meekijken in je geld- en reisverkeer, Facebook onthoudt alle gezichten en je gsm weet waar je bent. De fiscus wist sowieso alles al. De politie ontvangt straks live-beelden van alle bewakingscamera’s. Op Schiphol kijkt de bodyscan even onder je kleren. Je paspoort bevat je vingerafdrukken en irisscan. Het houdt niet op.

Privacy is een pijler van de rechtsstaat. Zonder, belanden we in een strafrechtstaat waarin de burger is onderworpen aan de informatiemacht van de overheid of het bedrijfsleven. Een nationale DNA-database zou er mooi in passen. Koops wees er al op dat we in feite nu een paradigmawisseling beleven. Ooit verzamelde de staat alleen informatie die aantoonbaar nodig is voor de opsporing. „Tegenwoordig is het uitgangspunt bijna: zoveel mogelijk informatie verzamelen, en als blijkt dat informatie niet relevant is, kan deze worden weggegooid (of bewaard voor latere doeleinden, want wie wat bewaart die heeft wat).”

Het onschuldbeginsel is dan definitief geschorst. De bevolking bestaat alleen nog uit verdachten of toekomstige verdachten.

Het ergste wat je over iemand te weten kan komen is alles. Als het over privacy gaat is dat mijn favoriete citaat.

Alles bij de bron; NRC


Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha