Sinds 2009 is de afname van vingerafdrukken voor een nieuw paspoort Europees verplicht. Een jaar later besloten Privacy First, Vrijbit en 19 Nederlandse burgers een civielrechtelijke strijd tegen de opslag van vingerafdrukken te voeren.

In mei van dit jaar verklaarde de Hoge Raad dit civiele Paspoortproces niet-ontvankelijk en verwees daarbij naar de parallelle, deels vergelijkbare bestuursrechtelijke zaken bij de hoogste bestuursrechter: de Raad van State. De Raad van State zal zich morgen en volgende week donderdag buigen over de verplichte afname en opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet en moet nu een oordeel vellen over de afname en opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet. Volgens Privacy First is de afname niet noodzakelijk en ook niet proportioneel.

De overheid stelt dat de opslag van vingerafdrukken nodig is om look-alike fraude met paspoorten te bestrijden. Cijfers over de omvang van deze fraude heeft de overheid nooit bekendgemaakt, aldus Privacy First. De organisatie besloot via Wob-verzoeken de informatie alsnog op te vragen en ontdekte dat het hooguit om enkele tientallen gevallen per jaar ging. Nu blijkt dat look-alike fraude vorig jaar bij 7 paspoorten en 3 identiteitskaarten heeft plaatsgevonden.

De cijfers zijn afkomstig van het Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2014 van de Koninklijke Marechaussee. "De afname van de vingerafdrukken van de hele Nederlandse bevolking ter bestrijding van een handjevol look-alikes kan onmogelijk "maatschappelijk noodzakelijk" en "proportioneel" worden geacht. Die noodzaak en proportionaliteit zijn echter wel vereist onder het Europese privacyrecht. De afname van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet blijkt hiermee onrechtmatig en had nooit ingevoerd mogen worden", aldus de privacyorganisatie. Die stelt dat als de Raad van State zich niet kritisch over de wet uitlaat er een rechtsgang naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg resteert.

Bron; Security



Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha