Track & trace

Applicaties op de smartphone waarmee artsen onze gezondheid vanop afstand kunnen volgen; dat is volgens de federale regering de toekomst. Minister van Volksgezondheid Maggie De Block trekt daar 3,5 miljoen euro voor uit om 24 proefprojecten die werken met zulke gezondheidsapps te ondersteunen. De minister wil zo lessen trekken voor een brede uitrol van de "geneeskunde op afstand" de komende jaren.

Het gaat daarbij niet om ludieke toestellen die uw stappen tellen of die u begeleiden bij fitnessoefeningen, maar om smartphoneapplicaties die zich echt concreet bezighouden met de gezondheid van een patiënt, zoals de hartslag, suikerspiegel of bloeddruk. De geselecteerde apps uit de proefprojecten werken rond geestelijke gezondheidszorg, oncologie, cardiologie, diabetes en chronische aandoeningen (zoals chronische vermoeidheid en beroertes).

De betrokken apps zullen de komende maanden getest worden en moeten aan strenge voorwaarden voldoen. Zo moeten ze wetenschappelijk onderbouwd zijn, correcte metingen uitvoeren  en de privacy van de patiënt moet bewaakt worden. Tegen 2018 zou de verdere uitrol van de "mhealth" moeten beginnen.

De 3,5 miljoen euro die minister De Block uittrekt, dient om de ontwikkeling en werking van de apps te financieren de patiënten zelf zullen daardoor niet moeten betalen voor de applicatie.

Alles bij de bron; deRedactie


 

Een Belgisch bedrijf heeft een technologie ontwikkeld om passagiers op de luchthaven te kunnen volgen, van de parking tot aan de gate. Op die manier weet de beveiliging op elk moment precies waar je bent. Technologie is niet altijd ingewikkeld dat bewijst het kleine apparaatje dat werd voorgesteld op de veiligheidsconferentie van Airports Council International.

Een tag stuurt elke seconde signalen uit via bluetooth en op die manier weten ze op elk moment constant waar je bent, tot op ongeveer een meter. "Dit tracking device kan de positie bepalen van een persoon, maar als die persoon dit doorgeeft aan iemand anders, dan is er misschien een probleem van veiligheid. Daarom moet dit soort devices ook gekoppeld worden aan andere systemen zoals gezichtsherkenning, met behulp van camera's", klink het bij Dirk Callaerts, de CEO van het bedrijf achter de technologie. En ook die technologie is aanwezig op de veiligheidsconferentie die honderden luchthavens van over de hele wereld samenbrengt

Alles bij de bron; HLN [Thnx-2-Luc]


 

Een paar weken geleden was ik op JFK Airport in New York en kocht ik wat souvenirs en probeerde ik een flesje parfum te kopen toen bleek dat mijn betaalkaart geblokkeerd was. Ik kreeg een sms van mijn bank met het verzoek het antifraudenummer te bellen. Ze wilden controleren of ik het inderdaad was die geld via mijn betaalkaart aan het uitgeven was op JFK. Ze stelden me een aantal veiligheidsvragen en enkele minuten later was mijn kaart weer geactiveerd.

Aanvankelijk reageerde ik geïrriteerd. Ik bedoel, hoe durfden ze zomaar mijn kaart te blokkeren? Maar toen besefte ik dat ik al een tijd niet meer in de VS was geweest en dat mijn bank gewoon op safe speelde. Ik realiseer me nu alleen ook dat ik toen dus werd gemonitord; mijn bank weet altijd precies waar ik ben zodra ik mijn kaart gebruik. Moeten we dat niet zien als spioneren?

Monitoring is een grijs gebied. Op welk moment is het in je belang dat je wordt gemonitord en wanneer noem je het schending van de privacy? Als je een gebruiker vraagt of hij het leuk vindt dat hij in de gaten wordt gehouden, krijg je waarschijnlijk verschillende antwoorden. Zoals ik eerder al zei: het onderwerp veiligheid versus privacy zorgt voor verdeeldheid. Sommigen zullen antwoorden dat ze niets hebben te verbergen, dus waarom niet? Anderen antwoorden dat ze een big brother afkeuren.

Uiteindelijk, als je ze tegen elkaar afzet, weegt security toch zwaarder dan privacy. Dus ja, we vinden privacy belangrijk, maar vooral de privacy van mensen die overgeleverd zijn aan grote bedrijven en overheden om hun persoonlijke data en identiteit te beschermen. Binnen die grote organisaties hebben privileged users ook rechten, maar feit blijft dat ze een belangrijke sleutel in handen hebben – een sleutel die hun toegang tot klantinformatie verschaft – en daarom in de gaten gehouden moeten worden.

Alles bij de bron; Computable


 

Deze week lees je op TechPulse een vierdelig dossier over cyberdefensie. In dit hoofdstuk analyseren we de technieken die vadertje staat mag gebruiken om je surfgedrag op het net te volgen.

De huidige stand van zake is, op zijn zachtst gezegd, in flux. Voor 2014 bestond er al wetgeving omtrent onder andere het opvragen van telefoongegevens en het instellen van telefoontaps. Met de verschuiving van communicatie richting het internet moest de wetgeving aangepast worden. Dat vond zowel Europa, dat in 2014 een richtlijn lanceerde, als België, dat die richtlijn in 2015 omzette naar lokale wetgeving. Nederland pastte zijn wet op de bewaarplicht van telecommunicatiegegevens aan de Europese vereisten aan.Het Europese hof vernietigde vervolgens de Europese richtlijn, het grondwettelijk hof kelderde de Belgische omzetting en in Nederland verklaarde de voorzieningenrechter de wet onverbindend. Reden: de regels zouden te verregaand zijn en zo op een buitenproportionele manier inbreuk maken op de privacy. De Europese teneur in dat opzicht is duidelijk: Europa mag geen tweede VS worden.

Nemen we vandaag België als voorbeeld, dan zien we dat er een kersverse nieuwe wet van kracht is: de Dataretentiewet van 29 mei 2016. Wat daarin staat, bepaalt op dit moment wie wat mag opvragen, hoe en wanneer. De dataretentiewet is van toepassing op da ganse internetsector. Denk daarbij aan de operatoren die de internetverbinding zelf verzorgen maar ook bedrijven achter communicatiediensten die van het internet gebruik maken. Zowel een Telenet en een Proximus als een WhatsApp of een Telegram moeten zich er dus aan houden. Zij zijn verplicht om bepaalde gegevens bij te houden. Het gaat volgens Loubkine om gegevens die betrekking hebben op identificatie, verbinding, lokalisatie en communicatie. Wat er precies onder die noemer valt, is niet helemaal duidelijk. Een koninklijk besluit dat de vernietigde wet uit 2014 aanvulde, wordt nog steeds als richtlijn gebruikt. Het gaat dan concreet om bijvoorbeeld IP-adressen, poortgegevens over de verbinding waarmee je bijvoorbeeld lid werd van een communicatiedienst maar ook de tijdstippen waarop je online gaat. 

Data over je inloggedrag moet een jaar lang beschikbaar zijn te beginnen na de inlogsessie in kwestie, data in verband met de identificatie van jou als gebruiker moet een jaar lang bewaard worden te beginnen van de laatste dag waarop je van de dienst gebruik kon maken. “In de praktijk wil dat zeggen dat identificatiegegevens zoals IP-adressen maar ook gegevens over de manier waarop je bijvoorbeeld je internetabonnement hebt betaalt tot twaalf maanden na het beëindigen van het contract moeten bewaard worden”, aldus Loubkine.

Justitie kan in specifieke gevallen wel vragen om internetverkeer van verdachten te monitoren. In dat geval wordt er een ‘tap’ geactiveerd die je gerust kan vergelijken met een telefoontap. De politie kijkt dan mee met het gemonitorde internetverkeer. 

In conclusie kan je dus stellen dat gevoelige identificatiegegevens geruime tijd worden bijgehouden, maar dat het niet zo is dat de overheid over je schouder meekijkt naar je surfgedrag. NSA-praktijken waarbij alles wat je doet zo lang mogelijk op een superserver terecht komt, zijn hier vooralsnog niet aan de orde. De staat heeft wel de nodige tools in handen om misdrijven die in de digitale wereld plaatsvinden terug te koppelen naar je voordeur. Het probleem van buitenlandse criminaliteit blijft natuurlijk. Zelfs met een Europese richtlijn is er niets dat een Syberische operator tegenhoudt om de IP-adressen van een bende cybercriminelen voor zich te houden.

Alles bij de bron; TechPulse [Thnx-2-Luc]


 

Privacy campaigners express alarm after company contracts Sodexo to ‘capture individual insights’ from staff in Western Australian mining camps. Speaking to the Guardian on condition of anonymity, a Rio Tinto employee said the data gathering would distract workers. “It will lead to unwanted psychological stress which will lead to extra pressure and loss of focus on the job,” he said. “How focused can you be knowing there’s drones or cameras constantly watching you everywhere you go? We are exposed to a dangerous job, let’s not forget it.”

In July the Western Mine Workers’ Alliance raised concerns about new surveillance measures at Western Turner iron ore mine in the Pilbara, where workers noticed CCTV cameras had been installed. The union claimed employees only realised they were being watched after hearing supervisors comment about their new ability to “zoom right in” on workers. “This was a concern on many levels not least privacy, anyone who has worked in a remote area of a mine site knows that toilet facilities are few and far between,” the union noted.

Sue Crock, the coordinator of the mining sector mental health service This Fifo Life, said the mental health impact would vary from worker to worker. “For our wellbeing it is important we feel we have autonomy over our lives, decisions we make and how we live,” she said. “Being monitored can decrease this sense of autonomy and control. Some people like the sense of security it gives them by having clear rules and monitoring. For others it can feel invasive and an infringement of their rights.”

David Vaile, vice-chair of the Australian Privacy Foundation, said the scale of the planned smart infrastructure meant it could be used for all sorts of purposes, including cracking down on union activity, finding out if employees were visiting sex workers, pinpointing the source of leaks (of the whistleblower variety, not the water kind), and helping law enforcement with criminal investigations. “I’m not saying they would do any of that and obviously there are lots of potential benefits for workers and the company, the question is whether the data is safe,” he says.

“Sodexo and Rio Tinto are sort of custodians in this – there could be a lot of personal data in there. Protecting it becomes difficult, and exploiting it becomes tempting. If they want to appear trustworthy, they would want to undertake some sort of open privacy impact assessment. Once you break someone’s confidentiality, you can’t go back and fix it.”

Alles bij de bron; TheGuardian[Thnx-2-Niek]


 

Uber heeft in de vernieuwde app een locatiefunctie ingebouwd die gebruikers tijdens en tot vijf minuten na het einde van een taxirit volgt om op die manier het ophalen en afzetten van klanten te verbeteren en de veiligheid te verhogen, aldus Uber op de helppagina.

Gebruikers kunnen het verzamelen van locatiegegevens uitschakelen in de instellingen van de Uber-app op iOS en Android. Mensen die de update downloaden, wordt gevraagd of ze akkoord gaan met de gegevensverzameling.

De ritgerelateerde locatiegegevens worden ook verzameld als de app in de smartphone op de achtergrond draait. Dat is volgens Uber in lijn met het privacybeleid van het bedrijf. Uber heeft in januari overeenstemming bereikt met de openbaar aanklager in New York over de gegevensverzameling. In de deal is afgesproken dat Uber de gegevens versleuteld verstuurd en alleen toegankelijk maakt met dubbele authenticatie.

Bron; NU


 

Daar waar de retailer in de straat slechts op basis van proefondervindelijk onderzoek kan vaststellen hoe hij zijn assortiment het beste kan uitstallen, kan de online winkelier direct zien wat zijn bezoekers doen en laten. En zo zijn winkel optimaal inrichten. Want online gedrag wordt tegenwoordig continu gemeten. Elke klik heeft waarde, elke muisbeweging wordt geanalyseerd. En zo wordt ons digitale paspoort steeds verder ingevuld. Maar hoe ver gaat dit? Wat zegt iemands klikgedrag over hem of haar? Een nieuwe website laat consumenten zien hoeveel data op het internet worden vastgelegd.

Moniker en VPRO Medialab creëerden Clickclickclick.click: een verslavende online ervaring waarin klikgedrag tot in de kleinste details geobserveerd en becommentarieerd wordt. Op de website van het nieuwe concept heeft een anonieme onderzoeker de bezoeker tot zijn persoonlijke subject gemaakt. Op de website is niets te zien, behalve een groene knop. Het verhaal begint wanneer de bezoeker met zijn muis beweegt. Alles, zelfs de kleinste muisbeweging, wordt genoteerd, gemeten en van commentaar voorzien.

Er is een stem te horen die conclusies trekt over het karakter van de gebruiker op basis van diens muisgedrag: “Agressieve, snelle kliks. Mmm, waarschijnlijk is het subject een man met bewijsdrang.” Ook wordt het klikgedrag vergeleken met dat van andere bezoekers: “Een stuk trager dan het gemiddelde subject. Saai.” Op de lijst met achievements is te zien welke gedragingen al zijn vertoond en hoeveel er nog te ontsluiten zijn. Het verkennen van alle mogelijke interacties loont de moeite. Zonder al te veel te onthullen: avontuurlijk klik- en scrollgedrag wordt beloond.

Doel van Clickclickclick.click is om het publiek op een ludieke manier bewust te maken van de hoeveelheid persoonlijke data die op internet wordt vastgelegd en getracked. Het concept is geïnspireerd door de rondreizende installatie We Are Data, waarvan de VPRO mediapartner is. In deze installatie ervaren bezoekers hoe ze data worden en hebben ze de keuze welke persoonlijke data hun eigendom blijft.

Bron; CustomerTalk


Uber wil zijn actieterrein nog verder uitbreiden en brengt daarom een nieuwe applicatie op de markt die een integraal deel van het dagelijkse leven van de consument zou moeten worden. 

De nieuwe functies zullen de volgende weken wereldwijd worden geïntroduceerd. Ook services van partners zoals de besprekingssite Yelp en de boodschappendienst Snapchat zullen, net zoals de muziekservice Pandora, in het nieuwe aanbod worden geïntegreerd. De diensten zullen verder worden uitgebreid met nieuws en weerberichten.

“De nieuwe toepassing moet de gebruikers de mogelijkheid bieden hun persoonlijke agenda aan de applicatie te koppelen, vrienden snel te vinden en verdere informatie over een geografische bestemming te kunnen verzamelen, aldus de krant. “Deze toepassingen tonen dat Uber bij meer facetten van het dagelijkse leven van zijn gebruikers betrokken wil worden.” Op basis van informatie die van de gebruikers zelf wordt verkregen, zal de applicatie een aantal nieuwe suggesties aanbieden, onder meer op basis van eerdere ervaringen van de consument of activiteiten van vrienden.

Om die services optimaal te kunnen aanbieden, zal Uber volgens Gus Hosin, executive director van Privacy International, echter veel persoonlijke gegevens dienen te verzamelen. Dat kan volgens Hosen mogelijk tot belangrijke privacy-problemen leiden. 

Alles bij de bron; Express [Thnx-2-Luc]


Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha