Eind mei 2020 leeft Nederland nog steeds onder noodverordeningen afgekondigd in een persconferentie op 23 maart. Inmiddels is het besef ingedaald dat een uitzonderlijke en wellicht ook onwenselijke situatie is ontstaan. Hoogleraren staatsrecht Jan Brouwer en Jon Schilder noemden in Trouw van 22 april 2020 de noodverordeningen zelfs illegaal.

De gemeenten tasten volgens hen burgerrechten uit de grondwet aan, zoals het huisrecht en het recht op privacy. De noodverordeningen laten zien dat de autoriteit van de staat diep kan ingrijpen in ons leven. We moeten dan ook heel zuinig zijn op onze burgerrechten en op onze democratie. Want die zijn niet van de regering, niet van de politici die er nu toevallig zitten, maar van ons...

...Maar de kiezer mag niet over alles meepraten. Veiligheid en openbare orde zijn een zaak van een ongekozen kader van commissarissen van de Koning, burgemeesters en de veiligheidsregio’s. In Nederland geen gekozen burgemeesters, politiechefs, rechters of openbare aanklagers. De Eerste Kamer kent getrapte verkiezingen, via de Provinciale Staten. De Raad van State adviseert over wetgeving én is zelf de hoogste bestuursrechtelijke macht in het land.

De meeste regelgeving waar Nederlandse burgers mee te maken krijgen komt tot stand via Algemene Maatregelen van Bestuur, Ministeriële regelingen of Koninklijke Besluiten, en die hoeft de regering niet aan het parlement voor te leggen...

...Onze persoonlijke bewegingsvrijheid en lichamelijke gedragingen, soms tot achter de voordeur, zijn momenteel beperkt door noodverordeningen gebaseerd op de Gemeentewet, de Wet op de veiligheidsregio’s en de Wet publieke gezondheid.

Minister Grapperhaus kwam met een modelnoodverordening, die vervolgens via de veiligheidsregio’s door de burgemeesters in elke gemeente is ingevoerd en uitgevoerd. Daar kwamen geen volksvertegenwoordigers aan te pas – niet vooraf en niet achteraf. Want gemeenteraden gaan niet over de veiligheidsregio’s en de gedragingen van ‘superburgemeesters’ als Hubert Bruls.

Op dit moment maken die ‘superburgemeesters’ samen met minister Grapperhaus in Nederland in de openbare ruimte de dienst uit.  Er is een Nationaal Kernteam Crisiscommunicatie opgetuigd bij de Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid, die ook valt onder Grapperhaus. 

Dit hele systeem blijft van kracht totdat de minister van Volksgezondheid, vicepremier Hugo de Jonge, het ‘sein veilig’ geeft. Kortom, een regeling met een open eind. 

Alles bij de bron; Wynia'sWeek


 

De burgemeesters kwamen tijdens de uitbraak van het coronavirus in de problemen omdat ze met het oog op de privacy niet alle informatie konden delen. In verpleeghuizen raakten mensen besmet en gingen dood, maar ze mochten dat niet naar buiten brengen. Dat zeggen de burgemeesters Breunis van de Weerd (Nunspeet) en Eddy Bilder (Zwartewaterland).

„De doorgeslagen privacywet heeft extra doden gekost. Toen het parlement debatteerde over te weinig ic-bedden, overleden bij ons massaal mensen in verpleeghuizen. Niemand wist het, want officiële instanties mochten het niet melden. De GGD zei me niet te gaan bellen als er mensen in Nunspeet waren besmet of overleden, omdat het herleidbaar was”, zegt Breunis.

Zijn collega Eddy Bilder uit Zwartewaterland zegt; „Ik heb ook de regels gebroken. Waar we het straks, als de pandemie achter de rug is, over moeten hebben, is of we soms niet te rigide omgingen met regels. Ik heb momenten gehad dat ik vreesde de politie te moeten inschakelen om mensen buiten het bejaardentehuis te houden omdat ze naar hun ernstig zieke of stervende ouder wilden. Dat waren heel pijnlijke situaties waarvan je je afvraagt of ze voorkomen hadden kunnen worden.”

Alles bij de bron; Telegraaf


 

Minister De Jonge van Volksgezondheid heeft telecomproviders gevraagd om hun data met het RIVM te delen. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft hier echter geen toestemming voor gegeven. In een brief aan de Tweede Kamer over de coronamaatregelen laat de minister weten dat hij de surveillance wil intensiveren. "Doel van surveillance is inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling en verspreiding van het virus en daarmee ook input voor de vraag of we onze maatregelen moeten bijstellen", schrijft De Jonge.

De minister wil hiervoor allerlei soorten gegevens verzamelen. Hij merkt echter op dat de beschikbare indicatoren met vertraging informatie geven.

Het Outbreak Management Team (OMT) heeft daarom geadviseerd om anonieme data van telecomproviders beschikbaar te maken. "Ik heb daarvoor, na overleg met de Autoriteit Persoonsgegevens, de telecomproviders gevraagd hun data ten behoeve van de wetenschappelijke behoefte van het RIVM aan het RIVM ter beschikking te stellen", stelt De Jonge.

De toezichthouder heeft echter geen goedkeuring hiervoor gegeven. "Van goedkeuring van de Autoriteit Persoonsgegevens voor het delen van telecomdata is geen sprake. De AP is al langer in gesprek met verschillende ministeries over het delen van telecomdata. In die gesprekken heeft de overheid nog niet duidelijk gemaakt wat het precieze doel is van de data die de overheid wil laten opvragen. De AP heeft steeds geconcludeerd dat de tot nu geopperde voorstellen niet in lijn zijn met de huidige wetgeving", zo laat de Autoriteit Persoonsgegevens in een reactie weten.

Volgens de AP is er een nieuwe wet nodig als de overheid van telecomgegevens gebruik wil gaan maken. "Die nieuwe wet moet dan wel passen binnen de strenge kaders die we binnen de Europese Unie hebben afgesproken. Daarnaast is democratische controle bij de totstandkoming van zo'n wet heel belangrijk. Natuurlijk zal het parlement zo'n eventuele wet beoordelen. En ook de AP zal advies uitbrengen over die wet. Daarbij houdt de AP de privacy van burgers scherp in de gaten", voegt de toezichthouder toe.

Minister De Jonge heeft een rectificatie naar de Tweede Kamer gestuurd. Het in de brief genoemde overleg met de Autoriteit Persoonsgegevens heeft namelijk niet plaatsgevonden. Wel werkt de minister aan een wijziging van de Telecomwet om telecomgegevens tijdens een pandemie te kunnen delen.

Alles bij de bron; Security


 

Op 16 maart verordonneerde president Emmanuel Macron de Fransen hun contacten en verplaatsingen tot het ‘strikt noodzakelijke’ te beperken. Een dag later, op dinsdag 17 maart om klokslag 12 uur, was de confinement van de Fransen een feit. Wie de lockdown binnen een maand tijd meer dan drie keer schendt, begaat een misdrijf waarop een gevangenisstraf staat.

Op 23 maart riep de Franse regering met instemming van het parlement de medische noodtoestand uit. Daarmee werd de opsluiting van de Fransen ook juridisch bezegeld. Zonder tussenkomst van het parlement, dat zichzelf met het oog op een efficiënte crisisbestrijding tijdelijk buitenspel heeft gezet, kan de regering de vrijheid van burgers per decreet radicaal inperken.

Het ‘uitzonderingsrecht’ dat in het kader van de medische noodtoestand is ingevoerd, geeft extra bevoegdheden aan de politie. Normaliter mogen politieagenten alleen iemand controleren als er een gegrond vermoeden bestaat dat diegene de wet overtreedt. Dat is komen te vervallen: agenten mogen nu controleren wie ze maar willen. Iedereen is een potentiële overtreder...

...Het gaat me niet om de autoritaire en gebiedende toon – in Frankrijk is de politie nu eenmaal niet je beste vriend. Zorgelijker is dat politieagenten zo vaak hun boekje te buiten gaan. In het beste geval is het onwetendheid en kennen de agenten de noodwetten die ze moeten handhaven niet. In het ergste geval is het onversneden machtsmisbruik. Gevoelsmatig is Frankrijk veranderd in een politiestaat.

Ten diepste zijn de Fransen een gezagsgetrouw volk. Meer dan bijvoorbeeld Nederlanders en Britten snakken de Fransen naar zekerheid en regulering. Ze zijn ook banger voor het coronavirus. De Franse regering heeft nadrukkelijk op die angst ingespeeld. ‘We zijn in oorlog’, zei Macron tot vijf keer toe. Een oorlog met een onzichtbare vijand weliswaar, maar een vijand niettemin. En in oorlogstijd is alles geoorloofd. Zelfs, zo blijkt, een vrijheidsbeperking die drastischer is dan toen de oorlog echt was en de vijand zichtbaar...

De Franse regering, zo schreef Le Monde in een hoofdredactioneel commentaar, deed het voorkomen alsof er een absolute keuze moest worden gemaakt tussen vrijheid en gezondheid. Wie tegen de ultrastrenge lockdown was, was in de beeldvorming in feite tegen de volksgezondheid. Dat is een valse tegenstelling: in andere Europese landen als Nederland en Zwitserland is de strijd tegen het virus met veel minder beperkende maatregelen minstens zo succesvol gebleken.

Komende week stemt het parlement hoogstwaarschijnlijk voor een verlenging van de medische noodtoestand tot 24 juli. Ondertussen heeft de Constitutionele Raad, die toetst of wetten in overeenstemming zijn met de grondwet, nog altijd geen uitspraak gedaan over de grondwettelijkheid van de verstrekkende maatregelen die in het kader van die noodtoestand zijn ingevoerd.

Bovendien valt te vrezen dat sommige beperkingen die nu gelden als ‘uitzonderingsrecht’ binnenkort geen uitzondering meer zijn, maar de nieuwe regel. De recente geschiedenis voorspelt weinig goeds. De noodtoestand die in 2015 werd afgekondigd in reactie op de terreuraanslagen in Parijs, werd maar liefst zes keer verlengd. Toen die noodtoestand in 2017 eenmaal werd afgeschaft, waren extra politiebevoegdheden als huiszoekingen bij mensen die nergens van worden verdacht inmiddels via andere wetten in het wetboek verankerd.

Alles bij de bron; Volkskrant [long-read]


 

Het kabinet werkt aan een spoedwet om de maatregelen tegen verspreiding van het coronavirus een steviger juridische basis te geven. Binnen enkele weken moet deze wet de noodverordeningen vervangen waarin de maatregelen nu zijn vastgelegd. Dat bevestigen bronnen in Den Haag.

De nieuwe wet moet een einde maken aan de, volgens juristen, ‘onhoudbare’, ‘ondemocratische’ en ‘ongrondwettelijke’ noodverordeningen. De daarin vastgelegde maatregelen  raken de grondwettelijk vastgelegde vrijheid van vereniging, godsdienst en onderwijs. En dat de politie te volle huizen binnengaat, schendt het recht op de persoonlijke levenssfeer.

Ingaan tegen de Grondwet is alleen toegestaan als het wettelijk is vastgelegd – dat is bij de noodverordeningen niet het geval. De nieuwe wet moet dat beter regelen, waardoor burgerrechten (tijdelijk) ingeperkt kunnen worden. Dat kan betekenen dat burgers makkelijker gestraft kunnen worden als ze maatregelen niet opvolgen. Nu de crisisbestrijding langer duurt, zijn veel bestuurders bezorgd dat strengere handhaving nodig zal zijn.

De wet moet óók de democratische legitimiteit van de maatregelen versterken. Over de verordeningen is niet gedebatteerd en gestemd door volksvertegenwoordigers daardoor vindt geen democratische controle plaats. Dat kan met de spoedwet, die naar verwachting tot 30 september geldt, wel. Zo moet de Tweede Kamer instemmen met de wet en met eventuele verlenging.

„Na drie à vier weken is het tijd om de noodverordeningen terug te schroeven.” zegt Jan Brouwer, hoogleraar en directeur van het Centrum voor Openbare Orde en Veiligheid aan de Rijksuniversiteit Groningen. De ‘Superburgemeesters’ die de veiligheidsregio’s voorzitten, eigenen zich steeds meer vrijheden toe en overtreden daarbij vaak de Grondwet, aldus Brouwer. 

Juridisch was er ook een alternatief voor de noodverordeningen, zegt hoogleraar Brouwer: de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden in combinatie met de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag. „Daarmee roep je de noodtoestand uit”, zegt hij. Met zo’n tijdelijke toestand kunnen volgens Brouwer makkelijker maatregelen afgedwongen worden. De toetsing daarvan gebeurt dan in het parlement.

Het ministerie van Justitie en Veiligheid besloot begin maart geen gebruik te maken van die wet. Brouwer: „Zo’n noodtoestand zorgt mogelijk voor paniek, Nederland wil het graag laagdrempelig houden.” 

Alles bij de bron; NRC


 

Regeringen reageren als vanzelf op een crisis met meer overheidscontrole. In het Corona-jaar 2020 versterken zich de autoritaire tendensen die de afgelopen jaren al zichtbaar waren, zoals zelfpromotie, mediamanagement en pogingen tot censuur door de regering, het beperken van inspraak en van rechten van de burger. De Corona-crisis is het perfecte excuus voor het doorvoeren van autoritaire maatregelen. Angstgevoelens maken de politiek immers plooibaar en de bevolking volgzaam. Een autoritaire overheid kan zomaar Het Nieuwe Normaal zijn.

In de corona-crisis bespeelt de regering de media, die zich gretig laten bespelen en meewerken aan de persoonlijke marketing van premier Mark Rutte en ‘Corona-minister’ Hugo de Jonge. De politici en de experts die samen het beleid maken bewieroken elkaar, een trend die eerder zichtbaar was rond thema’s als milieu en klimaat.

Het RIVM en het Outbreak Management Team zijn in de Corona-crisis bijna onfeilbaar verklaard. De experts werken in conclaaf, zonder dat duidelijk is wie waarover meebeslist. Een verzoek tot openbaarmaking van het beslisproces rond Corona werd door minister Hugo de Jonge afgewezen, volgens de redenering ‘de regering heeft nu geen tijd voor openbaarmaking, wie daarom vraagt zit de oplossing van de crisis in de weg’.

Een deel van de media heeft publiekelijk afstand gedaan van zijn onafhankelijkheid en zijn verantwoordelijkheid en opereert – als ware we in oorlog – als ‘embedded journalist’. Als vanzelf ontstaan zo staatswaarheden (‘Het RIVM heeft gezegd dat …..’) die men niet mag tegenspreken op straffe van excommunicatie. Vragen over de voorbereiding op epidemieën, het gebrek aan beschermingsmiddelen en de zorgelijke situatie in de ouderenzorg klinken wel, maar te vaak op fluistertoon. Deze volgzame basishouding van delen van de media bestond al jaren. En een slaafse houding, eenmaal  aangenomen, leg je niet zomaar af.

De laatste jaren staken al ondemocratische tendensen de kop op. Kabinetten regeren op basis van een gedetailleerd regeerakkoord, de fractiediscipline binnen de regeringspartijen in de Tweede Kamer is vrijwel totaal. Nederland was volgens politicoloog Hans Daudt een rechtstaat, maar geen democratie. De Nederlandse burger heeft wel rechten en een aantal vrijheden, maar vrijwel geen inspraak. 

In crisistijd zijn onze burgerrechten bovendien opzij te zetten. Om het corona-virus te bestrijden heeft de regering noodbepalingen geactiveerd uit de Wet op de Veiligheidsregio’s, de Wet Publieke Gezondheid en de Gemeentewet over bestrijding van epidemieën. Of het toepasselijk en proportioneel was kunnen we pas achteraf bepalen. Feit is wel, dat vrijheidsbeperkingen zoals afgekondigd op 23 maart 2020 in Nederland sinds de Tweede Wereldoorlog  niet meer zijn voorgekomen.

Beslissingen die regeringen nu inderhaast nemen hebben grote gevolgen voor de komende decennia. ‘Het Nieuwe Normaal’ bestaat dan al snel uit voldongen feiten. Klokkenluider Edward Snowden waarschuwt in een interview op het YouTube-kanaal van VICE  op 10 april 2020 voor een ‘Architecture of Oppression’. Hij stelt dat regeringen het nooit kunnen laten om verruimde bevoegdheden te gebruiken op terreinen waarvoor ze niet waren bedoeld, of ze steeds te verlengen. Talloze veiligheids- en surveillancemaatregelen zijn na de aanslagen van 9/11 immers ook permanent geworden.

Regeringspartijen in Nederland maakten de afgelopen jaren grandioze plannen voor de verre toekomst: een schone planeet, een ideale samenleving. Het is regeren via slogans, zonder politiek aansprakelijk te hoeven zijn. Een regering die zich op windhandel baseert komt makkelijk in de verleiding autoritaire bevoegdheden in te zetten. Tegen ontevreden burgers, tegen de oppositie (van welke politieke kleur dan ook) en tegen maatschappelijke bewegingen die een bedreiging voor hun machtpositie vormen.

Gelukkig kan een systeemschok, als de pijn eenmaal doorstaan is, ook nog positieve gevolgen hebben. Daarom hebben we tijdens de Corona-crisis dubbel hard een wakker en actief parlement én een kritische publieke opinie nodig. Want als tegenspraak, onafhankelijkheid en kritisch denken ontbreken zal autoritair optreden van de regering razendsnel het Nieuwe Normaal zijn.

Alles bij de bron; TPO [Long-Read]


 

Dat in Duitsland serieus wordt gediscussieerd over het ter beschikking stellen van telecomgegevens aan de overheid en over de inrichting van een noodparlement, was twee maanden geleden ondenkbaar. Duitsland hecht - mede door de ervaringen uit de nazitijd en de DDR - veel waarde aan privacy en democratische grondrechten. Bij de ontwikkeling van nieuwe corona-apps is de bescherming van persoonsgegevens daarom een strenge voorwaarde. Maar ook in Duitsland sneuvelen heilige huisjes.

...Het RKI maakt sinds het begin van de coronacrisis gebruik van geanonimiseerde mobiele telefonie-gegevens die Duitse providers beschikbaar stellen. Het RKI gebruikt die data om te zien of de mobiliteit van mensen afneemt. Minister van Gezondheid Jens Spahn (CDU) wil dat de Duitse overheid ook niet-geanonimiseerde data kan gebruiken. "Dit maatschappelijke debat moeten we mijns inziens nu voeren", zei hij op een persconferentie eind maart. Eerder werd een soortgelijk voorstel tegengehouden door minister van Justitie Christine Lambrecht (SPD).  ..

De coronacrisis zorgt niet alleen voor hoofdbrekens over privacy, maar ook over het functioneren van de Duitse democratie. De Bondsdagleden stemden er op 25 maart mee in dat het parlement voortaan besluiten mag nemen als meer dan een kwart van de 709 afgevaardigden - 178 - aanwezig is. Dat was de helft, 355. 

...Net als Nederland heeft Duitsland zeer vergaande maatregelen genomen die diep ingrijpen in het persoonlijke leven en de burgerrechten van mensen. Dat gebeurt op basis van het Infektionsschutzgesetz, een wet die speciale bevoegdheden geeft om infectieziekten en de verspreiding ervan tegen te gaan. Critici, onder wie juristen, zeggen dat de wet niet voldoende basis biedt voor het ingrijpen in grondrechten. 

Kanselier Merkel benadrukte maandag in haar persconferentie dat Duitsland alle vrijheidsbeperkende maatregelen weer terugdraait zodra het kan. 

Alles bij de bron; DuitslandInstituut


 

Minister de Jonge kondigde dinsdagavond op een persconferentie aan dat het kabinet twee mobiele apps wil inzetten die moeten helpen bij het controleren van de verdere verspreiding van het coronavirus. Maar hoe werken deze apps precies? En hoe zit het met privacy?

https://www.nu.nl/280155/video/bluetooth-in-corona-apps-van-kabinet-kan-voor-problemen-zorgen.html

Alles bij de bron; NU


 

We waren ooit moedig. Onze voorvaderen vestigden zich in een levensgevaarlijke rivierdelta waar niemand brood in zag, gingen de strijd aan met het water en wonnen.

Maar de overwinning maakte ons overmoedig. We gingen geloven in totale maakbaarheid en door de jaren heen bouwden we ons land om tot een aangeharkt overgereguleerd rubberentegelparadijs waarin we geen risico’s meer dulden. Elke potentieel gevaarlijke situatie wordt bestreden, niet met weerbaarheid en gezond verstand, maar met regelgeving, gordels, helmpjes en dranghekken.

Vorig jaar waren we in de ban van een enge rups in eikenbomen en hingen we het land vol waarschuwingsborden en rood-witte linten. Nu is de vijand onzichtbaar, dus wordt grover geschut ingezet. We leverden onze vrijheid, werkgelegenheid, onderwijs en economie al in, maar dat is nog niet genoeg. De overheid wil totale controle. ’Een app die bijstuurt als mensen te veel risico nemen’. Klaas Dijkhoff zei dat echt in de Tweede Kamer.

Thuiszorgmedewerkers moeten zonder mondkapje werken, maar dan hebben we straks wel een app. Minister de Jonge beweert dat hij niet anders kan, want: ’Het OMT stelt de app als voorwaarde om de coronaregels te versoepelen en wij volgen alle adviezen van het OMT op’. Dat is eng! Het is niet precies bekend wie er allemaal aanschuiven bij de overleggen: wat er daar besproken wordt, blijft geheim. Ik kan me geen verkiezing herinneren, waarin wij de macht overdroegen aan dit geheime genootschap maar alle politici accepteren het zonder morren.

Het OMT mag de uitbraak managen, maar premier Rutte moet weer zelf de leiding over het land nemen. Verlos ons uit de massapsychose die door de artsen, met hulp van kijkcijferhongerige media, is opgebouwd. 

Hopelijk is er nog iemand die op de liberale gouden eieren past en Rutte tijdens Pasen even hard in zijn oor schreeuwt: ’Je bent van de VVD, man! Je gaat mensen niet met drones van het strand jagen, je laat geen controleauto’s rondrijden om ’coronaovertreders’ op de bon te slingeren en je verplicht mensen al helemaal niet tot het installeren van een app die hen bijstuurt als ze risico nemen!’

Want zo’n app is nooit tijdelijk. Dat snapt iedereen. Die ’app van Mark’ wordt het volgende kwartje van Kok, daar komen we nooit meer vanaf. Als we ons uit angst in nog meer onvrijheid laten rommelen, verlies ik mijn laatste restje vertrouwen dat er ergens nog wat moedig dna in Nederlanders zit.

Alles bij de bron; Telegraaf [digikrant]


 

Artsen in huisartsenposten (HAP) en op de spoedeisende hulp (SEH) krijgen tijdens de coronacrisis toegang tot de belangrijkste medische gegevens van een patiënt. Tenzij een patiënt expliciet heeft aangegeven dit niet te willen. Hierdoor kunnen de artsen sneller werken.

Normaal gesproken kunnen artsen op huisartsenposten alleen bij patiëntinformatie als de patiënt daar vooraf toestemming (een opt-in) voor geeft. Met de crisismaatregel kunnen artsen ook bij gegevens als daar nog geen toestemming voor is gegeven. Het gaat om ruim 8 miljoen Nederlanders. Deze mensen worden nu geregistreerd als corona-opt-in. Dit betekent dat de HAP en SEH tijdens de coronacrisis bij de belangrijkste medische informatie kunnen.

Er verandert dus alleen iets voor mensen die hun voorkeur nog niet hebben opgegeven. Als je eerder hebt aangegeven dat je gegevens niet gedeeld mogen worden, dan gebeurt dit nu ook niet. 

Wil je niet dat je gegevens gedeeld worden? Of heb je eerder geen toestemming verleend, maar wil je dat nu wel? In je persoonlijke omgeving op volgjezorg.nl staan alle zorgaanbieders die toestemming hebben om je gegevens te delen met andere zorgaanbieders. Je kunt daar ook toestemming geven aan (nieuwe) zorgaanbieders of eerder verleende toestemming intrekken....

....toch kleven er aan deze oplossing belangrijke bezwaren. We noemen er vier (maar er zijn er nog meer).

Ten eerste is er een technisch probleem. Je kunt als patiënt wel zéggen dat je toestemming geeft, maar dan kan de arts nog steeds niet in je dossier. Degene die je dossier moet ontsluiten is namelijk de huisarts die je medische gegevens heeft vastgelegd in zijn patiëntdossier. Deze noodmaatregel is nou juist bedoeld om het beroepsgeheim dat daarop rust te omzeilen. Hoe dit logistiek moet worden gerealiseerd, wordt niet helder uit de brief van de AP. Maar wie is ingewijd in de technische kant van het LSP, weet dat dit alleen maar kan door álle dossiers waarvoor nog geen toestemming voor uitwisseling is gegeven,alsnog te ontsluiten (via een update van huisarts-systemen). Een volkomen disproportionele maatregel. En ook nog bloedlink, getuige het tweede probleem.

Het tweede probleem is ook technisch van aard: de raadpleging van je dossier zou beperkt moeten blijven tot de zorgverleners die direct bij je behandeling zijn betrokken. Maar dat is in het LSP technisch niet mogelijk. Dit informatiesysteem biedt geen mogelijkheid tot gericht opvragen, het is alles of niets. In dit geval dus alles, oftewel iedere zorgverlener aangesloten op het LSP. Dat zijn tienduizenden potentiële ingangen voor hackers. De Eerste Kamer, die het LSP in 2011 unaniem verwierp, noemde het systeem niet voor niets “een dossier met duizend deuren aan de achterkant.”

De ‘corona opt-in’ biedt daarmee slechts een schijnzeggenschap aan de patiënt – het derde bezwaar. Ongeacht of de patiënt toestemming geeft, zal diens dossier namelijk technisch al open staan voor raadpleging vanuit tienduizenden toegangspunten. De toestemming die patiënten volgens de AP moeten geven, is daarmee niets meer dan een holle formaliteit.

Daarmee komen we aan bij het vierde en overkoepelende bezwaar. De AP houdt officieel toezicht op de naleving van privacywetten, maar nergens in haar brief valt te lezen op welke wettelijke basis de ‘corona opt-in’ is gebaseerd. Evenmin wordt duidelijk waarom de AP van mening is dat de voorgestelde ‘corona opt-in’ een noodzakelijke en proportionele maatregel en dat dit probleem niet op een minder ingrijpende manier kan worden opgelost. Van een privacytoezichthouder in crisistijd mogen we een transparant en  grondiger onderbouwd oordeel verwachten, waarbij bovenstaande gevolgen van de ‘corona opt-in’ expliciet worden meegewogen.

Toezicht op naleving van de privacywetgeving en de principes van het privacyrecht zijn de kerntaken van de AP, juist in crisistijd. Als iemand nu het hoofd koel moet houden en niet mee moet gaan in overhaaste crisismaatregelen met onoverzichtelijke gevolgen, is het de toezichthouder op de privacy.

Alles bij de bronnen; Consumentenbond & Platform Burgerrechten


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha