3 Miljoen burgers gaven hun vingerafdrukken af voor aanvraag van paspoort of ID-bewijs

Sinds 21 september 2009 hebben inmiddels ruim 3 miljoen Nederlanders een nieuw paspoort of ID-kaart aangevraagd. Daarbij werden zij genoodzaakt om zowel een pasfoto aan te leveren, waar een digitale gezichtsscan van wordt gemaakt, als hun vingerafdrukken af te geven.

Dit grote aantal laat zich verklaren door het feit dat de paspoorten en ID-kaarten weliswaar reisdocumenten zijn, maar sinds de invoering van de Wet op de Uitgebreide ID-plicht (WU-ID) sinds 2005 ook fungeren als nationale persoonsbewijzen voor binnenlands gebruik. Wie niet over een geldig ID-bewijs beschikt, loopt sinds 2005 het risico beboet en/of gearresteerd te worden. Sinds 1 oktober 2010 zelfs om als zodanige verdachte te worden aangemerkt dat de politie zich bevoegd acht, op grond van de wet identiteitsstelling verdachten en veroordeelden, vingerafdrukken en gezichtsscan af te nemen. Men wordt bovendien uitgesloten van deelname aan nagenoeg alle sectoren van het gewone maatschappelijke verkeer.

Hoe groot de druk is om, in tegenstelling tot vroeger, ook van onschuldige burgers die niets met justitie te maken hebben, vingerafdrukken te registreren is haast onvoorstelbaar. Wie niet aan de eis voldoet wordt een geldig identiteitsbewijs onthouden en daarmee het kunnen voorzien in elementaire levensbehoeften als onderdak, inkomen, reguliere medische verzorging. En de ervaring leert dat de eis van een ‘geldig’ ID-bewijs de afgelopen jaren dusdanig rigide werd toegepast, dat ook mensen met een één dag verlopen paspoort of ID-kaart een ID-boete kregen opgelegd of werden uitgesloten van deelname aan de verkiezingen.

 

Toenemend verzet tegen Paspoortwet

De gevaren van het opslaan van biometrische kenmerken van de bevolking worden steeds duidelijker.

Tot op heden werden bezwaren tegen de onvermijdelijk foutmarges van het systeem en de niet afdoende te beveiligen opslag van gegevens in een digitale overheidsdatabase min of meer genegeerd. Dat gold idem voor zowel het toekomstige als huidige gebruik van gegevens door inlichtingen-/ veiligheidsdiensten en justitie.

Maar sinds zelfs het jaarverslag van de AIVD over 2009 waarschuwde en rapportages in opdracht van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid vernietigend uitpakten, is er ook voor de huidige regeringsploeg niet meer aan te ontkomen dat leden van de Tweede Kamer lastige vragen gaan stellen. De media beginnen eindelijk aandacht te besteden aan de kwestie die iedereen aangaat, er komen steeds meer weigeraars en ook steeds meer gemeenteraadsleden willen dat de uitvoering van de Paspoortwet besproken gaat worden.

 

Doel van de Paspoortwet steeds duidelijker.

Nu de verantwoordelijke bewindslieden in de Tweede Kamer hebben moeten toegeven dat er totaal geen cijfermatige onderbouwing bestaat van de opgevoerde doelstellingen van de Paspoortwet, kan met recht worden geconstateerd dat het doel niet bestaat uit het voorkomen van ‘look-a-like’ fraude, slachtofferhulp bij rampen of verbeterde dienstverlening aan de burger.

Het is evident dat de werkelijke bedoeling is dat de reisdocumentenadministratie gaat fungeren als databank, die ter beschikking staat voor het kunnen achterhalen van de identiteit en adresgegevens en Burgerservicenummer van als verdacht aangemerkte personen.

Het komt echter maar zelden voor, zo gaf de staatssecretaris ook toe, dat er verdachten worden opgepakt waarvan men de identiteit niet op andere wijze kan achterhalen. Tot op heden vormde dat niet echt een probleem omdat ook personen die niet willen zeggen wie ze zijn voor het gerecht kunnen worden gebracht. Een waardevolle NN- procedure in een rechtsstaat omdat dit voor mensen, die bijvoorbeeld menen onterecht als verdachte te worden aangemerkt, de enige manier is om bij vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging niet toch een justitiële aantekening krijgen.

Waarom dan toch die gedreven wijze waarop de overheid nu blijkt het opslaan van vingerafdrukken en gezichtsscan van burgers belangrijker te vinden? Belangrijker dan mensen onderwijs, medische verzorging, inkomsten, huisvesting- ,reismogelijkheden en zelfs het aangeven van een pasgeboren baby ontzeggen.

Het antwoord is te vinden in de technische mogelijkheden die cameratoezicht biedt om een web te ontwikkelen waarbij iedereen in de, wat we nu nog aanduiden met ‘openbare ruimte’ permanent wordt geregistreerd. Waar men zich bevindt, met wie men contact heeft, hoe men zich kleedt, beweegt en welke gedragspatronen hieruit te destilleren zijn. De biometrische identificatie maakt het mogelijk om dit systeem te koppelen aan de identiteit van personen. En vervolgens als ‘function creep by disign’ ook te koppelen aan ieders Burger S. Nummer waardoor de ontsluiting van dit nummer toegang geeft tot alle gegevens van een persoon waarover de overheid beschikt.

Dit zijn allemaal ontwikkelingen waar het Meldpunt Misbruik ID-plicht het parlement al voor waarschuwde bij de invoering van de ID-plichtwet in 2005, de invoering van de gechipte biometrische paspoorten/IDkaarten in 2006, het BSN een jaar later, en -sinds 2008 samen met toen opgerichte vereniging Vrijbit- tegen de Paspoortwet in 2009. Nu zien we wat toen als paranoia werd afgedaan, zich voor ons ogen voltrekken.

De infrastructuur voor permanente ‘real-time’ persoonscontrole van iedereen in ons land wordt gebouwd. De ID-plichtwet, het BSN en de Paspoortwet zijn de scharnieren van dit systeem. Wie zijn biometrische gegevens afgeeft, wordt gedwongen hieraan mee te bouwen.

 

3 Miljoen ongecontroleerde paspoorten/ID-kaarten toch maar verifiëren?

De 3 miljoen mensen, waarvan de biometrische kenmerken al werden opgeslagen, hebben geen enkele garantie dat de vingerafdrukken in hun paspoort/ID-kaart wel die van henzelf zijn en bij verificatie een positieve match geven. Volgens het WRR-rapport van biometrie-expert Max Snijder zou bij verificatie zo’n 3% van de uitgegeven documenten - zo’n 360 per dag !! - bij verificatie ondeugdelijk blijken. Men moet zich daarbij dan voorstellen dat in de gevallen dat er niet is geknoeid met de aanvraaggegevens bij controle, mensen op grond van de vingerafdrukregistratie in de chip van hun reisdocument niet worden herkend als de persoon die ze zijn of worden aangezien voor iemand anders.

Dat de ellende nog veel groter kan zijn als bij de aanvraag mensen moedwillig met vervalste vingerafdrukken een paspoort of ID-kaart aanvragen of wanneer er geknoeid wordt met de opgeslagen gegevens, moge duidelijk zijn. Niemand heeft zicht op de omvang van dit probleem, behalve dan dat iedereen letterlijk op zijn vingers kan uittellen dat de combinatie dat geldige ID-papieren goud waard zijn en vingerafdrukken zeer eenvoudig na te maken tot de eenvoudige optelsom leidt dat het niet om een fictief gevaar gaat.

Het is dan ook als onverantwoord te typeren dat de voormalig staatssecretaris mevrouw Bijleveld (CDA) vlak vóór de invoering van de Paspoortwet, opdracht gaf aan de afdelingen Burgerzaken om bij uitgifte standaard niet te controleren of de documenten in orde zijn. Wel moest ze de Tweede Kamer desgevraagd toegeven dat mensen wel het recht hebben om ze te laten controleren.

Hoewel het heel belastend is voor mensen om nog een keer extra bij het gemeentehuis langs te gaan om uit eigen beweging te gaan laten controleren of hun reisdocument wel in orde is. En al helemaal als blijkt dat men een ondeugdelijk document heeft gekregen, raadt Vrijbit iedereen toch aan om dat te doen. De gevolgen zouden op den duur immers vele malen ernstiger kunnen uitpakken als bijvoorbeeld op vliegvelden of bij grenscontroles men over de uitleesapparatuur komt te beschikken en daar de documenten als ‘vals’ worden aangemerkt.

Het lijkt ons namelijk niet zo heel aannemelijk dat men bijvoorbeeld bij iedere vreemde mogendheid, waar men dan bij de grens in de problemen kan komen, dan zo’n situatie kan oplossen met het vermelden dat Bijleveld in de Tweede Kamer heeft gemeld dat zij internationale afspraken heeft gemaakt. En verzekerde dat daardoor er geen consequenties zouden kunnen ontstaan waardoor men een land niet in- of uit kan, ‘omdat afgesproken is dat in geval van foute vingerafdrukregistratie enkel op de andere gegevens moet worden afgegaan’.

Misschien dat het ook het bewustzijn bij de verantwoordelijke gemeentes zal aanwakkeren als 3 miljoen mensen zich melden dat ze terecht ongerust zijn over de correcte verwerking van de uiterst persoonlijke gegevens die zij hebben moeten afstaan.

Vrijbit roept iedereen die dit doet op om ons te laten weten in welke gemeente men om verificatie is gevraagd, hoe dat in zijn werk ging en wat het resultaat was.

 

3 Miljoen reisdocumentdossiers, toch maar controleren?

Wie zijn gegevens afgeeft voor opslag in de overheidsdatabank kan aan de gemeente die momenteel verantwoordelijk is voor deze databank schriftelijk verzoeken om een uitdraai van zijn of haar persoonlijke gegevens uit deze databank.

Omdat de burgemeester in deze het verantwoordelijk gezag bekleed, richt men dat verzoek rechtstreeks tot de burgemeester. Of in geval men in het buitenland woonachtig is aan de burgemeester van Den Haag.

Hoe de gemeente dan deze gegevens op veilige wijze de betrokkene wil doen toekomen blijft nog even een verrassing, want het gaat hier om een uiterst delicaat datapakket dat als equivalent van de totale identiteit van de burger zelf niet veilig per aangetekende post kan worden verzonden, omdat dergelijke post door huisgenoten mag worden aangenomen.

Ook dit mag echter geen belemmering vormen voor de burger om zicht te eisen op welke gegevens er over hem of haar bij elkaar zijn opgeslagen in de de-centrale overheidsdatabase. Ook deze uitdraai zal het bewustzijn ongetwijfeld vergroten bij de mensen over wier gegevens dit gaat en bij de gemeente die verantwoordelijk is voor de opslag en het beheer van deze gegevens.

 

3 Miljoen vingerafdrukken terugeisen uit de database?

Wie zich onder protest gedwongen zag om vingerafdrukken af te staan ter verkrijging van een paspoort/ID-kaart zou op grond van de Europese verordening volkomen in zijn recht staan om van de Nederlandse overheid te eisen dat de gegevens, nadat deze zijn verwerkt in de documenten, verwijderd worden uit de overheidsdatabase.

Immers, de Europese Verordening had uitsluitend de bedoeling dat de gegevens in de documenten zelf werden opgeslagen en de extra opslag die de Paspoortwet eist is op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) als onrechtmatig te bestempelen.

Verzoek hiertoe richten aan de burgemeester, beroep doen op verordening en EVRM art. 8 en bij weigering de bestuursrechter inschakelen op grond van onrechtmatig bestuur.

Het is van de gekke dat burgers zich op deze wijze tegen de overheid moeten gaan verweren, maar er zit weinig anders op wil men zich beveiligen tegen het bouwen van een permanente persoonscontrole- infrastructuur en derhalve een onverantwoord scheve machtsverhouding, waarbij de overheid de burger in de greep krijgt.

 

Procedure bezwaarden tegen opslag biometrie in op afstand uitleesbare documenten en in digitale overheidsdatabase

Allen die vlak voor de invoering van de gechipte biometrische identiteitsbewijzen op 26 augustus 2006 nog een ongechipt niet-biometrisch paspoort of ID-kaart hebben aangevraagd, hebben tot medio volgend jaar nog de beschikking over een geldig identiteitsbewijs. Daarna kan men zich, tenzij er alsnog een uitzonderingspositie voor bezwaarden komt, niet meer vrij verplaatsen en wordt men als ‘illegaal in eigen land’ uitgesloten van normale deelname aan de samenleving.

 

Bezwaarden tegen opslag van biometrie in een digitaal overheidsregister

Van iedereen vanaf 12 jaar die sinds 21 september 2009 niet meer overeen geldig ID-bewijs beschikt wordt de aanvraag van een paspoort of ID-kaart niet in behandeling genomen zolang men weigert de biometrische gegevens ( vingerafdruk en gezichtsscan) af te staan. Uitsluitend met uitzondering van die gevallen waarin mensen aantoonbaar fysiek niet in staat zijn om een digitale gezichtsscan, volgens de matrixvoorschriften te laten maken, of vingerafdrukken af te geven. En met uitzondering van de door de Marechaussee te verstrekken maximaal een jaar geldige nooddocumenten.

 

Klacht bij Europees Hof voor de Rechten van de Mens(EHRM)

De poging van Vrijbit om in augustus 2009 via een aanklacht tegen de Staat het EHRM te verzoeken om de Nederlandse Paspoortwet als onrechtmatig te laten doen intrekken en het verzoek om als tijdelijke voorziening te verhinderen dat de wet op 21 september in werking zou treden, is mislukt.

Een tijdelijke voorziening werd afgewezen omdat de invoering geen zodanig onherstelbare schade zou opleveren, dat dit vergelijkbaar is met de hoge uitzonderingsregel van het Hof die tot nu toe enkel werd gehanteerd bij uitzettingszaken waarin mensen het risico liepen gemarteld of vermoord te worden.

Een behandeling van de bodemprocedure werd vooralsnog niet-ontvankelijk verklaard omdat Vrijbit niet namens haar leden zou mogen klagen. Individuele Vrijbit-leden zouden eerst alle nationale rechtsmiddelen moeten hebben beproefd. Vrijbit is nog steeds van mening dat het Hof wel had kunnen ingrijpen omdat de nationale rechtgang, alleen al qua tijdsduur geen uitzicht biedt op een effectieve oplossing voor mensen die essentiële levensbehoeften wordt ontzegd. Het gaat hier echter om een ’niet voor beroep vatbare beschikking’.

Het Europese Hof kan derhalve pas weer ingeschakeld worden als de nationale rechtsgang is uitgeput en er ook via politieke weg dan nog geen oplossing is bewerkstelligd.

 

Beroepsprocedure

De wet stelt dat je officieel niet kan weigeren en ook geen bezwaar kan maken tegen het niet afgeven van een paspoort/ID-kaart.

Verschillende mensen hebben echter wel degelijk bezwaar aangetekend en na herhaalde bevestiging dat ze geen ID-bewijs zouden krijgen, hiertegen beroep aangetekend bij de bestuursrechter. De weigeraar van het eerste uur, Aaron Boudewijn, overleed nog voor hij een verweerschrift kreeg over zijn beroepszaak. Weigeraars die zijn voorbeeld, volgen krijgen nu druppelsgewijs verweerschriften van advocaat Mr.C.M.Bitter ( advocaten kantoor Pels Rijcken & Droogleever Fotuijn), die tot nu toe voor alle burgemeesters als gemachtigde optreedt. Daarin stelt zij dat het beroep niet-ontvankelijk zou moeten worden verklaard door de rechter.

Niemand ontving tot op heden een uitnodiging om op een zitting de zaak aan de rechter voor te leggen.

Vrijbit schreef alle 430 burgemeesters aan met het verzoek of zij van weigeraars, die zich beroepen op hogere wetgeving zoals het EVRM, hun bezwaren aan deze hogere regelgeving willen toetsen. Daarop antwoordde de helft dat men zulks, op aanraden van het door het ministerie aangestuurde advies van NVVB/VNG, niet wilde doen. Niet één burgemeester reageerde positief op onze vraag, en ook niet op de vraag of zij, indien ze zich niet voelen toegerust voor die taak die zij volgens de Algemene Wet Bestuursrecht (AWB) hebben, zelf de rechter te hulp te willen roepen om zich uit te spreken over de onmogelijke positie waarin zij zich bevinden omdat het toepassing van de Paspoortwet ‘zoals die luidt’ strijdig is met de zorgplicht voor hun burgers.

De voorzieningenrechter die in kort geding werd gevraagd om een tijdelijke noodoplossing te treffen - voor een hoogzwangere vrouw die in grote problemen verkeerde omdat zij geen geldig ID-bewijs heeft- wees dit onverbiddelijk af. Men blijkt daarmee zelf gedurende de beroepsprocedure niet in aanmerking te komen voor een tijdelijke oplossing en derhalve niet te kunnen rekenen op een faire rechtsgang.

 

Civiele procedure

Op 6 mei 2010 diende stichting Privacy First met 22 mede-eisers een aanklacht in tegen de Staat der Nederlanden. Inzet: de Paspoortwet door de rechterlijke macht als onrechtmatig laten beoordelen en zo te zorgen dat deze wet wordt ingetrokken of buiten werking wordt gesteld.

De landsadvocate, ook de voorgenoemde mevrouw Bitter schreef namens de staat een verweer dat geen recht doet aan de aanklacht tegen zowel opslag van vingerafdrukken als gezichtsscan in de digitale overheiddatabase, ongeacht of dit de-centraal dan wel centraal gebeurt. Zij verdedigd de rechtmatigheid van de wet met apert onjuiste voorstelling van zaken dat je nu niet zou kunnen protesteren tegen een wet die in de toekomst nog stringenter zal worden toegepast dan nu al het geval is. Ze geeft een onjuiste voorstelling van zaken over de vermeend positieve beoordeling van het College Bescherming Persoonsgegevens en vraagt de rechter zowel de aanklacht van de stichting als die van alle mede-eisers niet-ontvankelijk te verklaren.

 

EERSTE ZITTING CIVIELE RECHTSZAAK IN DE SLAG OM DE PASPOORTWET

Op maandag 29 november begint in het gerechtsgebouw te Den Haag de civiele rechtszaak.

Lokatie; Prins Clauslaan 60, 2595AJ te Den Haag.

Tijd: aanvang 10.00 uur

Zowel de landsadvocaat, als de advocaat van de gedaagde, als de advocaat van Privacy First en mede-eisers zullen een pleidooi houden.

Het betreft een openbare zitting waarbij belangstellenden van harte welkom zijn.

Zolang men enkel als toeschouwer de zaak wil volgen is dit ook mogelijk voor mensen die niet meer over een geldig ID-bewijs beschikken. Bij toegang wordt iedere bezoeker om veiligheidsredenen gefouilleerd, maar hoeft men zich niet bekend te maken.

Waarbij we opmerken dat eventuele getuigen die tijdens het proces kunnen worden opgeroepen, volgens de reglementen geen toegang krijgen als zij geen geldig ID-bewijs kunnen tonen.

Komt Allen!

bron: Vrijbit

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha