Het BKR is er om het leen- en aflosgedrag van consumenten bij te houden en zo consumenten te beschermen dat ze niet meer lenen dan ze aankunnen. Op zich een prima streven natuurlijk. Maar die ’bescherming’ moet niet omslaan in het ontnemen van kansen van groepen in onze samenleving. Het bureau wil nu ook de studieschulden van studenten officieel gaan registreren.

Kijk, het leenstelsel voor studenten is ervoor bedoeld dat iedereen kan studeren, ongeacht of je uit een rijk of arm milieu komt. Als studenten die lenen massaal met hun studieschuld geregistreerd staan bij BKR, dan wordt het voor hen lastig om een hypotheek af te sluiten als zij klaar zijn met hun studie.

BKR is in de jaren zestig opgericht en het lijkt wel alsof hun houding en werkwijze ook nog steeds uit die jaren stamt. Regelmatig krijg ik e-mails of brieven van mensen met klachten over het BKR...

...Nadat je aan je betalingsverplichting hebt voldaan, houdt BKR de achterstandscode nog vijf jaar in stand en dat is gewoon té lang in onze huidige tijd. Ongeveer 720.000 Nederlanders hebben momenteel een negatieve BKR-codering. Er kan veel gebeuren in vijf jaar en je moet wel in de gelegenheid zijn om je leven te beteren en een nieuwe start te maken, vind ik. Als mensen met een negatieve BKR-codering een kleine lening willen afsluiten, kunnen ze alleen terecht bij dubieuze geldverstrekkers die een woekerrente rekenen. Dus in plaats van hen te helpen om hun leven op orde te krijgen na een betalingsprobleem, duwt het BKR ze verder het moeras in. Ik vind de duur en de consequenties van een BKR-codering voor vaak kleine bedragen buitenproportioneel.

Maar even terug naar de studenten en het idiote voornemen van het BKR om de studielening te registreren. Studeren is investeren in jezelf en je verdiencapaciteit en een studieschuld is geen gewone schuld: je betaalt geen of vrijwel geen rente, mag er 35 jaar over doen en er wordt rekening gehouden met de hoogte van je inkomen. Als BKR nu ook studieleningen officieel gaat registreren, dan discrimineren we de studenten uit minder gefortuneerde nesten. Studeren geeft iedereen de kans om een beter leven op te bouwen. Laten we die kansen dan ook gelijk houden voor iedereen.

Alles bij de bron; Telegraaf


 

Het hooggerechtshof in India heeft het identificatieprogramma Aadhaar, waarin de biometrische data van meer dan een miljard mensen wordt opgeslagen, als legaal bestempeld. Er waren heel wat bezwaren en klachten ingediend tegen het programma, onder andere wegens de schending van het recht op privacy. 

Het hof verordende dat het Aadhaar-nummer niet gekoppeld kan worden aan een bankrekeningnummer en een gsm-nummer en niet door privé-bedrijven en scholen kan verplicht worden. Een koppeling aan bijvoorbeeld het belastingnummer oordeelde een meerderheid van de vijf rechters echter wel als conform met de grondwet.

De meeste van de 1,3 miljard inwoners van India hebben intussen een Aadhaar-identiteitskaart met een 12-cijferig nummer, waaronder de persoonlijke en biometrische gegevens in een centrale databank zijn opgeslagen – scans van de iris en vingerafdrukken inbegrepen.

Aadhaar (‘basis’ in het Hindi) werd in 2009 geïntroduceerd om fraude in sociale uitkeringen tegen te gaan. De regering van premier Narendra Modi -sinds 2014 in functie- heeft het programma aanzienlijk uitgebreid en maakte de ID-kaart verplicht voor meer en meer diensten. Problemen met de uitvoering van het systeem leidden er echter bijvoorbeeld toe dat arme Indiërs dringend nodige gesubsidieerde rijst niet meer kregen. Activisten verwijten de regering dat mensen zijn omgekomen van de honger. En ook hackers hebben inmiddels hun weg gevonden naar de databank. Critici spreken bovendien van een politiestaat.

Alles bij de bron; Metro


 

De politie in Roermond wil daders met slimme camera’s en sensoren opsporen voor ze toeslaan. Maar is het toezicht op deze vorm van ‘predictive policing’ wel geregeld, vraagt Marc Schuilenburg in de Veiligheidscolumn.

Het project dat ‘Sensing’ heet is een proef van de Nationale politie, gemeente en de Technische Universiteit Eindhoven. Personen worden hierbij geïdentificeerd als potentiele winkeldieven. ‘Predictive identification’, zoals dat heet. Dit is een vorm van predictive policing waarbij op basis van algoritmen personen of groepen worden aangewezen waarvan wordt verwacht dat ze een misdrijf zullen plegen in de nabije toekomst. Vervolgens kunnen deze personen worden geobserveerd en kan hun auto worden gecontroleerd. Nu algoritmen steeds meer beslissingen voor de politie nemen die personen in hun bewegingsvrijheid raken, worden vragen over het toezicht op deze voorspellende systemen belangrijker. Vooral omdat de Nederlandse wetgever dat toezicht nu niet goed heeft geregeld...

...voor de inzet van predictive policing ontbreekt een helder wettelijk kader. Het is hierdoor onduidelijk wanneer en onder welke voorwaarden de politie in Roermond burgers mag volgen en controleren.

Dat is een serieus probleem. Niet alleen is het risico van willekeur reëel. Meer nog is het onduidelijk wie toezicht houdt op de inzet van predictive policing. Hierdoor is het mogelijk dat de politie volledig vrij spel heeft in de opsporing van toekomstige strafbare feiten. Met predictive policing gaat het immers om een opsporingsmiddel waarmee zaken als winkeldiefstal moeten worden voorkomen.

Het is begrijpelijk dat de Nationale politie met de tijd mee wil bewegen, maar dat zal de wetgever ook moeten doen. Een politie die op eigen houtje burgers in de gaten houdt, is geen aantrekkelijke gedachte.

Alles bij de bron; NRC


 

Consumenten lijken zich steeds meer zorgen te maken om hun data. In tijden waarin datalekken, datamisbruik en aan data gerelateerde schandalen steeds vaker in het nieuws lijken te komen, is dat ook geen vreemde zaak. Onderzoek van Salesforce Research bevestigt nu dat consumenten zich zorgen maken over hun data.

Het bedrijf deed onderzoek onder 6.723 individuen wereldwijd en keek naar hun mening over data en de veiligheid daarvan. 59 procent van de respondenten meldde te geloven dat hun persoonlijke gegevens kwetsbaar zijn voor veiligheidslekken. 54 procent van de mensen gelooft dat bedrijven met data niet het beste met hen voor hebben.

Het sleutelwoord in het winnen van klantloyaliteit blijkt volgens het rapport transparantie te zijn. Van de respondenten geeft 91% aan eerder een bedrijf te vertrouwen dat helder en ondubbelzinnig communiceert over het gebruik van de persoonlijke data van klanten, het is niet voldoende wanneer een bedrijf enkel zegt de veiligheid van klantdata serieus te nemen, maar moeten laten zien hoe die gegevens worden gebruikt.

Alles bij de bron; CustomerFirst


 

Google heeft afgelopen jaar een select groepje Amerikaanse adverteerders kennis laten maken met 'a potent new tool to track whether the ads they ran online led to a sale at a physical store in the U.S.' Een tool waarmee deze adverteerders dus konden zoeken in de data die van Mastercard afkomstig was.

Dat lijkt op een privacy-nachtmerrie. Een Google-woordvoerder zei daarover: 'Before we launched this beta product last year, we built a new, double-blind encryption technology that prevents both Google and our partners from viewing our respective users’ personally identifiable information.' Geanonimiseerde data dus waar geen persoonlijke informatie aan te pas is gekomen. Het gaat om data van vooral Amerikaanse creditcardgebruikers. Dat scheelt, maar laat onverlet dat Google en Mastercard geen publiek gewag hebben gemaakt van de deal en dus mensen niet wisten dat hun transacties gemonitord werden.

Alles bij de bron; dasKapital


 

Heb je er wel eens bij stilgestaan dat de meeste moderne auto's allerlei data vastleggen? Auto's die connected zijn, kunnen die data zelfs verzenden. Feitelijk is die data echter van jou. Het kabinet vindt dat de consument de baas moet worden over zijn eigen data. 

Letterlijk staat er: "Om ieders privacy te waarborgen, leggen we spelregels vast over de eigendom en het gebruik van reisdata." Reisdata dus. Dat zijn alle gegevens die worden gegenereerd als je je verplaatst van A naar B. Dat kan met de auto zijn of met het openbaar vervoer, maar wij richten ons op de 'reisdata' die worden geproduceerd als je met de auto rijdt.

Met alle elektronische veiligheidssystemen en informatietechnologie die worden toe­gepast, kun je zeggen dat een auto zoiets als een brein heeft. Dat brein volgt precies wat de auto doet en registreert ook waar de auto is en op welk moment. Al die informatie is te herleiden tot het kenteken en het VIN-nummer van je auto en daarom is het persoonlijke informatie. Bovendien legt je auto ook informatie vast die over jou persoonlijk gaat, bijvoorbeeld over je rijstijl.

De verschillende systemen in je auto zijn allemaal aan elkaar gekoppeld, dus neemt het brein in je auto niet alleen waar dat je 100 km/h rijdt, het ziet ook (dankzij verkeersbordherkenning) dat je dat doet op een 80 km/h-weg in het donker (verlichting is aan), terwijl het regent (ruiten­wissers zijn aan). Bovendien maakt je auto in veel gevallen contact met je smartphone of tablet en kan de auto communiceren met de omgeving, bijvoorbeeld met andere auto's of met systemen langs de weg. Als je al die gegevens eindeloos met elkaar zou combineren, ontstaat een berg data over jou en je auto.

Auto's die connected zijn, versturen dus periodiek hun data. "Die komt doorgaans in een server bij de autofabrikant en die beslist wat er met die data gebeurt, wie er gebruik van mag maken en onder welke voorwaarden", legt Leo Bingen, Smart Mobility & ITS-adviseur bij de RAI Vereniging, uit...

...De niet-merkgebonden markt, zoals verzekeraars, leasemaatschappijen en consumentenorganisaties, willen echter een veel vrijere en directere toegang tot deze voertuigdata om digitale diensten te kunnen aanbieden zonder tussenkomst van de fabrikant. Deze discussie is nog ­volop gaande." 

"Het beslissen over wie er toegang heeft tot de data uit jouw auto, zou een apart moment moeten worden in het aanschafproces van de auto. Het moet een op zichzelf staand contract worden. Niet alleen bij nieuwe ­auto's, maar ook bij aanschaf van een gebruikte auto zou je als consument weer moeten kunnen beslissen waar de data uit je auto naartoe gaan. Ook gedurende de gebruiksperiode zou je als klant de toestemmingen, zowel opt-in als opt-out, moeten kunnen aanpassen, trouwens. Het gaat erom dat de regie over deze informatie bij de automobilist ligt en bij niemand anders."

Alles bij de bron; Autoweek


 

Big Data, het Internet of Things en Kunstmatige Intelligentie kunnen de grondrechten van burgers op vergaande wijze aantasten, zo laten onderzoekers van de Universiteit Utrecht in een onderzoek weten...

...Met name als het gaat om vrijheidsrechten zien de onderzoekers tal van knelpunten, zoals filterbubbels, private censuur, zelfcensuur en de invloed op het actieve en passieve kiesrecht. De onderzoekers merken op dat vrije meningsuiting steeds vaker plaatsvindt via private bedrijven als Facebook en Google. Dit vereist een veranderende houding van de overheid bij het reguleren van meningsuiting. "Er kan sprake zijn van indirecte publieke censuur als de overheid samenwerkt met of dreigt met dwang richting sociale media of zoekmachines om onwelgevallige content te verwijderen. Hierbij treden problemen op als de door deze bedrijven gebruikte algoritmes overmatig gaan censureren", zo stellen de onderzoekers.

"In algemene zin geldt niettemin wel dat grondrechten potentieel vergaand en op diverse manieren kunnen worden aangetast als gevolg van het gebruik van het gebruik van Big Data, Kunstmatige Intelligentie en het Internet of Things, vaak ook op manieren die nog niet bekend waren voor 'oude' vormen van besluitvorming. Het voorkomen van dergelijke grondrechtenschendingen en het eventueel bieden van rechtsherstel als ze zich alsnog hebben voorgedaan, verdient dan ook bijzondere aandacht", zo besluiten de onderzoekers (pdf).

Alles bij de bron; Security


 

De gemeente Amsterdam heeft het Facebookgebruik van tientallen overlastgevende jongeren laten onderzoeken om te kijken met wie ze in contact stonden en waar ze het over hadden. De gemeente hoopte zo ook „interessante figuren” te ontdekken die nog niet in beeld waren. De gemeente handelde daarbij in strijd met de hen bekende regels. Dat blijkt uit interne stukken die zijn vrijgegeven na een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur.

Het op sociale media observeren van jongeren ging veel verder dan de gemeente eerder in NRC toegaf. Ook de raad is verkeerd geïnformeerd. Eind 2015 analyseerde de gemeente 64.540 Facebookprofielen om te achterhalen welke online contacten 126 overlastgevende jongeren in Amsterdam-Zuid hadden. Een jaar later werden bijna 7.000 Facebookconnecties van 36 leden van een jongerengroep in stadsdeel Noord onderzocht.

De gemeente ontkende eerder na herhaaldelijke vragen van NRC dat er was gekeken naar de inhoud van de profielen. Alleen het aantal onderlinge online verbanden tussen overlastgevers zou zijn geteld. Ook werd ontkend dat was geprobeerd om jongeren te ‘ontdekken’ die nog niet in beeld waren. Maar de Facebookanalyse ging veel verder, zo blijkt ook uit de onderzoeksvragen van het door Amsterdam ingeschakelde databedrijf: „Wie communiceert met wie? Waar hebben de probleemjongeren het over? […] Wat zijn hun drijfveren/doelen? Zijn er trends te achterhalen op het gebied van onderwerp, taalgebruik, communicatietijden, groeperingen etc.?”

In een gesprek erkent de verantwoordelijke stadsdeelvoorzitter Sebastiaan Capel (D66) van Amsterdam-Zuid dat in strijd met de regels is gehandeld. „Dit hebben we niet goed gedaan, we hebben de privacy geschonden.”

Alles bij de bron; NRC


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha