‘Ik zal nooit toelaten dat persoonlijke gegevens te koop worden aangeboden of worden ingezien door mensen die daar geen zaken mee hebben’ zo stelt minister van Sociale Zaken Maggie De Block.

Naar aanleiding van de voorstelling van zijn beleidsnota liet de staatssecretaris Philippe De Backer noteren dat de overheid gezondheidsgegevens van burgers aan de farmaceutische sector moet kunnen doorgeven. Daarbij ontstond ophef, omdat De Backer suggereerde dat de overheid daar op termijn geld voor zou kunnen vragen op voorwaarde dat het geld terugvloeit naar de patiënt, bijvoorbeeld in de vorm van lagere prijzen. Nadien verzekerde hij dat het geenszins de bedoeling is gezondheidsgegevens te verkopen.

Minister De Block vindt wel dat gegevens uitgewisseld kunnen worden om bepaalde zaken te weten te komen. Ze haalt het voorbeeld aan van HIV-patiënten, waarbij blijkt dat slechts 80 procent van de seropositieven zich laten behandelen. Gegevensuitwisseling kan helpen dat percentage op te krikken.

Alles bij de bron; deStandaard


Een goedkopere polis voor keurig rijgedrag? Het is slechts een voorbeeld van de ongekende mogelijkheden die smartphones, sensoren en data-analyse bieden aan verzekeraars. Maar waar liggen de grenzen ?

Maandag kondigde de ANWB zo'n polis te gaan verkopen. Het werkt ogenschijnlijk simpel. De klant krijgt een apparaatje in zijn auto dat registreert hoe snel hij rijdt, hoe hard hij remt en optrekt en hoe hij bochten neemt. Die gegevens gaan vervolgens naar de ANWB die bepaalt hoeveel korting de klant krijgt. Opmerkelijk genoeg was er dit keer weinig te doen over dit soort nieuwe autoverzekeringen. Iets meer dan een half jaar geleden werd bekend dat Achmea, een van de grootste verzekeraars van Nederland, een nagenoeg identieke polis wilde gaan verkopen. Dat leidde tot grote ophef. Er was kritiek van privacy-organisaties.

De verzekeraar kroop toch zo’n beetje naast de klant in de auto. Hij wist waar de polishouder was geweest, en wanneer. En wat ging hij nog meer doen met die data? Verkopen aan andere bedrijven? Op sociale media reageerden burgers verontrust. Konden straks alleen rijkaards zich privacy veroorloven?

Het uitblijven van reacties deze week is des te opvallender, omdat er langzaam maar zeker steeds meer van dit soort nieuwe ‘datagedreven’ polissen worden aangeboden. Verzekeraars baseren hun producten altijd al op klantgegevens. Dat is de essentie van verzekeren: met data kunnen zij risico’s inschatten en zo de premiehoogte bepalen. Maar de hoeveelheid gegevens neemt de laatste paar jaar razendsnel toe, en de technieken om die te analyseren worden steeds beter. 

Tegelijkertijd zijn er ook zorgen die het Verbond van Verzekeraars serieus zegt te nemen. Die zorgen gaan dus onder meer over privacy. Sander Klous, hoogleraar big data aan de Universiteit van Amsterdam en tevens werkzaam bij KPMG, zegt: „Er zitten heel veel voordelen aan big data, maar bij zo’n autoverzekering geef je wel een deel van je privacy weg. De verzekeraar krijgt veel meer informatie over jou dan nu het geval is. En die data is veel meer privacygevoelig.” De grootste zorg is dat de solidariteit onder polishouders verdwijnt.

Wilbert Tomesen, vice-voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens, deelt die zorg. Ook hij staat op voorhand niet negatief tegenover big data, benadrukt hij. „De vraag is hoe dit in de verzekeringsbranche kan worden ingezet met de vereiste bescherming van de persoonsgegevens van verzekerden.” Hij vindt dat de risico’s scherp in de gaten gehouden moet worden. „Met big data kun je profielen opbouwen over mensen. Dan neemt de kans op discriminatie en maatschappelijke in- en uitsluiting toe. Mensen krijgen een stempel.”

Transparantie is dan cruciaal. Klanten moeten weten wat voor data verzekeraars over hen verzamelen en wat voor beslissingen ze op basis daarvan nemen. Zodat ze daar invloed op kunnen uitoefenen en hun keuzes erop kunnen baseren. „Maar aan transparantie is nu een gebrek”, zegt Klous. „Mensen hebben geen idee.” Hij pleit voor betere regels.

Het verbond heeft op voorhand geen harde grenzen gesteld wat onacceptabel is. Dat wil het verbond nu net uitzoeken, zegt het en het wil in de tussentijd het liefst geen extra regels.

Maar het risico bestaat dat verzekeraars dan vooral doen wat goed voor hen is. Tomesen: „De les die ik heb geleerd is dat alle data die bedrijven van je verzamelen uiteindelijk een keer gebruikt worden”.

Alles bij de bron; NRC


Malcolm Gladwell beschreef in een van zijn boeken hoe Amerikaanse inlichtingendiensten te werk gaan bij het "profilen" van mogelijke verdachten. Banktransacties schijnen daarbij een grote rol te spelen. Een combinatie van slechts vijf indicatoren zou voldoende zijn om "afwijkend gedrag" te signaleren. Hij mocht in het boek niet opschrijven welke variabelen daarvoor gebruikt worden, en welke "red flags" gehanteerd worden.

Een enigszins beangstigend maar ook zeer fascinerend fenomeen. Wie grote bakken met data op een slimme manier analyseert, kan patronen herkennen die anders verborgen blijven.

Ook in het onderwijs wordt steeds meer data geproduceerd. Een gemiddeld ROC waar bijvoorbeeld toegangspasjes worden gebruikt, produceert gemakkelijk duizenden "datapoints" per dag. Sommige onderwijsinstellingen verkennen de mogelijkheden om daar zinvolle analyses op te doen. Via een tip kreeg ik deze plaat te zien.

ProfilingStudenten

Het is onderdeel van een presentatie over Student Analytics, een dienst die wordt aangeboden door Deloitte (zie presentatie). De plaat laat een segmentatie zien van studenten van een ROC, die de begeleiding van studenten aanpassen al naar gelang het profiel.

Fascinerend zijn de combinaties van variabelen die blijkbaar enige voorspellende waarde hebben. Plattelanders, studenten die geen interesse hadden in de voorlichting, iets oudere studenten met lagere inkomens, hobbyisten: het zijn "red flags" waar je als school extra in moet investeren. Als dit echt een segmentatie is die klopt, dan kun je 12 poortjes neerzetten bij zo'n open dag. Poort 5 en 10 staan open, bij de rest moet je eerst wat moeite doen om binnen te komen.

Alles bij de bron; OnderwijsInGrafieken die deze site als bron had


"We kunnen dankzij internet weten wie een aanslag wil plegen". Deze opinie van hoogleraar Bart Baesens lokt reactie uit. Want ook de allerkrachtigste computers kunnen het denken van mensen niet exact voorspellen.

Stel: Een haat-liefde verhouding heb ik met mijn gsm. Het onding staat dan ook regelmatig uit. Nagenoeg onmisbaar en functioneel in onze communicatiemaatschappij, waardoor hij toch nooit veraf is. Niettemin verander ik wel eens van nummer wanneer dat nummer te bekend raakt. Als nachtraaf ben ik ook vaak onderweg tussen 22 en 4u en staat die doorgaans wel aan. 

Volgens Baesens voldoe ik dus aan aardig wat indicatoren om me als terrorist te labelen, want mijn gsm-gebruik lijkt op dat van een terrorist. Door het massaal bundelen en analyseren van data uit allerlei bronnen kan een computer uitzoeken wie potentieel een aanslag wil plegen, schrijft Baessens in een opinietekst.

Dat beangstigt mij, zelfs als computerwetenschapper kan ik niet blind zijn voor de gevaren. Nét wanneer dit oordeel aan computers overgelaten wordt. Er wordt bijzonder veel vertrouwen toegedicht aan deze machines. De vooruitgang binnen big data analytics is dan ook enorm, doch niet vlekkeloos. Het ‘beknotten’ van telefoontaps, surveilleren van burgers, etc. is niet zonder reden bij wet geregeld.

Diezelfde wet hoort immers de burgers te beschermen tegen o.a. targeting. Dit gaat veel verder dan de potentiële introductie van racistische motieven en vooroordelen. Het gaat erom dat uw en mijn data niet zomaar door allerlei instanties vrij ingekeken kan worden. Het gaat erom dat er altijd wel iets te vinden is dat verdacht is. Het gaat erom dat iedereen een potentiële verdachte is en daar zware consequenties kan van ondervinden.

Je neigt te verzanden in een systeem waar je schuldig lijkt met hoge waarschijnlijkheid, terwijl we in onze rechtsmaatschappij net onschuldig horen te zijn tot het tegendeel bewezen is. Mensen het label ‘verdacht’ opplakken leidt steevast tot een vorm van tunnelvisie.

‘Misdaad’ wordt geconstrueerd door de lokale context, zoals culturele gebruiken, geschiedenis en geloof. Dat het ook snel kan veranderen toont de geschiedenis ons. Niet zo lang geleden kwam in Frankrijk 25 procent van de Joodse burgers om en in Nederland 73 procent.

Eén van de processen die de Jodenvervolging in Nederland vereenvoudigde (maar uiteraard niet veroorzaakte) was dat men er reeds in de jaren 30 begon met een doorgedreven bevolkingsadministratie. Ponskaarten van elke individuele burger werden gemaakt en de Joodse achtergrond werd toegevoegd. Duitsland kon de Joden er via sorteermachines vervolgens zo uitpikken. Frankrijk kende een minder doorgedreven administratie.

Dit is slechts een voorbeeld van hoe schijnbaar onschuldige dataregistratie in een snel wijzigende context tot verregaande consequenties kan leiden. Voor we dit soort tools dus verregaand gaan gebruiken en pleiten voor minder strikte regelgeving, moeten we veel meer sensibiliseren rond de beperkingen van deze voorspellingen en voorzien in een aangepaste regelgeving die onschuldige burgers beschermt.

Ook ik zie het nut van analytics, maar pleit voor een gezond wantrouwen en doordacht toepassen. De methodes zijn relatief recent en zeker niet onfeilbaar. Waakzaamheid is op dit punt meer dan ooit vereist.

Alles bij de bron; deRedactie


Staatssecretaris voor Privacy Philippe De Backer overweegt om farmabedrijven inzage te geven in (anonieme) patiëntengegevens uit de rijksziekteverzekering, prijs overeen te komen. Een halve dag kritiek later wist hij al niet meer of hij dat nog wel een goed idee vond. Terecht.

Noem ons ouderwets, maar wij hebben de tijd nog meegemaakt dat bescherming van de persoonlijke levenssfeer nog als grondprincipe van het liberalisme gold. Vandaag schijnt het nieuwe Vlaamse liberalisme dat recht op privacy te willen voorbehouden voor vermogenden, terwijl de gezondsheidsstatistieken van arme sloebers die even niet opletten welke checkbox ze aankruisen blijkbaar wel te grabbel mogen worden gegooid.

Het politieke geschuifel richting privatisering van de privacy komt niet uit de lucht vallen. Maar van een betrouwbare overheid verwachten we dat ze de burger enigszins beschermt tegen die tendens, niet dat ze die nog versterkt.

Alles bij de bron; deMorgen


De nieuwe staatssecretaris voor Privacy Philippe De Backer vindt dat de overheid gezondheidsgegevens van burgers aan de farmaceutische sector moet kunnen doorgeven, eventueel tegen betaling, zolang de return terugvloeit naar de patiënt. De piste die De Backer bewandelt, staat in de beleidsnota Privacy die hij vandaag voorstelt in de Kamer. Daarin wijst De Backer op de extra slagkracht die de Privacycommissie krijgt, maar ook op haar rol bij het beoordelen van welke data in handen van de overheid met private bedrijven kan worden gedeeld.

Volgens de Vlaamse liberaal werken in het buitenland mutualiteiten nu al mee om de therapietrouw van hun klanten te verbeteren via apps. Die mogelijkheden moet de Privacycommissie onderzoeken. Hij merkt op dat heel wat patiënten nu al bereid zijn hun gegevens door te spelen. Om patiënten meer controle te geven over wat ze met hun gegevens doen, wil De Backer werk maken van een privacypaspoort. Daarop kan je zien wie welke gegevens gebruikt. Hij is er niet tegen gekant dat de overheid daarvoor geld zou vragen. Voorwaarde is wel dat het geld terugvloeit naar de patiënt, bijvoorbeeld in de vorm van lagere prijzen voor medicijnen. 

Alles bij de bron; deStandaard


Onbewust strooien we dagelijks met persoonlijke data. Je zoekopdracht op google wordt geregistreerd, evenals likes op Facebook. De Nationale Verjaardagskalender van Utrechtse organisatie SETUP wil dat mensen zich daar bewust van worden.

Tijdens zes hackatons, bijeenkomsten die in dit geval draaien om het verzamelenvan informatie, stuitte SETUP op namen, adressen en verjaardagen van bijna een miljoen nederlanders. Die gegevens komen samen in De Nationale Verjaardagskalender. Eén voorbeeld van een website die veel data heeft opgeleverd, is schoolbank.nl. Bijsterbosch benadrukt dat ze niet op de site hebben ingebroken, maar slechts hebben binnengehaald wat toch al openbaar was. “We schrokken er zelf van hoe makkelijk dat allemaal ging. De beveiliging was zo slecht dat we in een klap de jackpot te pakken hadden”, zegt ze. Het gaat dan om voor- en achternaam, geboortejaar, woonplaats en de plaats waar iemand op school heeft gezeten. “Dan weet je het opleidingsniveau en daar kun je al heel veel aflezen”, verklaart Bijsterbosch.

Maar wat doe je met de data van al die Nederlanders? Openbaar maken kan niet, dus schakelt SETUP de hulp van theatermakers Ingrid Govers en Margit Odems in. De voorstelling gaat op tour door de provincie Utrecht. De discussie over de grote hoeveelheid opgeslagen data moet door meer mensen worden gevoerd. Bijsterbosch: “Natuurlijk zitten er ook goede kanten aan het verzamelen van data, maar wij willen dat een breed publiek snapt waar dit over gaat.”

Alles bij de bron; StadsbladUtrecht


In het boek Design my privacy van Tijmen Schep, geeft hij acht concrete tips hoe je systemen privacy-vriendelijker kunt ontwerpen. Die tips zijn niet alleen bedoeld voor de techneuten, maar eigenlijk voor iedereen die producten of diensten ontwerpt, of overweegt ze te door anderen te laten ontwikkelen...

...In verband met dat laatste punt werd ik getroffen door Tijmens suggestie om data niet langer als het nieuwe goud, maar als de nieuwe olie te zien. Net als goud is olie waardevol, en zijn mensen bereid veel energie te steken in het winnen ervan. Onze hele economie draait (nog) op olie. Maar olie is ook vies en vervuilend: tijdens de productie en bij het gebruik.

Er zijn ook zeker gigantische kansen voor het gebruik van data. Maar door big data te associëren met olie in plaats van goud is meteen duidelijk dat er naast voordelen ook consequenties zijn verbonden aan een big-data-economie. Consequenties die vergelijkbaar zijn met de risico’s van milieuvervuiling.

Het eerste risico is dat bepaalde kosten niet ten laste komen van de producent. Op basis van een grondige data-­analyse voerde Amazon voor bepaalde postcodegebieden ‘Prime Same Day Delivery’ in. Bijvoorbeeld voor alle grote steden in de VS. Behalve dan bepaalde wijken, ook in het centrum, waar (toevallig?) vooral zwarte mensen wonen. Zij lijden schade (latere levering) door een bias in het gebruikte big-data-algoritme.

Ten tweede maakt de oliemetafoor duidelijk dat het beschermen van onze privacy niet alleen een individueel belang is. Net als het beschermen van het milieu is het beschermen van privacy een maatschappelijk belang. Voor het functioneren van een democratie is privacy essentieel. Mensen moeten zich zelf een mening kunnen vormen, ook meningen die tegen de stroom ingaan, zonder zich bekeken te voelen en zich in de gaten ­gehouden te voelen.

Vandaag de dag proberen we verantwoord met het milieu om te gaan. Die mentaliteit, dat perspectief, is ook essentieel als we in de toekomst verantwoord gebruik willen maken van data. Want een duurzame economie gaat niet alleen spaarzaam om met ons ­milieu, maar ook verantwoord met onze persoonlijke data.

Alles bij de bron; FD[gratis registratie nodig]


Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha