De strijd tussen winkels van steen en online concurrenten is nog lang niet gestreden. Elke innovatie die hierbij kan helpen, wordt met open armen ontvangen. Zo ook predictive analytics, een glazen bol, maar dan vol met data.

Dankzij predictive analytics wordt het verschijnsel big data omgetoverd in concrete inzichten. Zo kun je als retailer je klanten beter begrijpen en bereiken. Uit onderzoek blijkt dat winkeliers die hun data goed benutten hun marges tot 60 (!) procent kunnen verbeteren. Waar je voor traditionele analysemodellen data gebruikt om de huidige situatie te duiden, gebruik je voor predictive analytics data om de toekomst te voorspellen. In de bulk aan beschikbare gestructureerde en ongestructureerde informatie kunnen dankzij slimme algoritmes patronen worden ontdekt, die ons iets vertellen over de richting waarin het naartoe gaat. Uit deze patronen rollen modellen, die weer worden getraind en zo steeds nauwkeuriger worden in hun voorspellingen. De voordelen voor de retail zijn legio.

Maar waar moet je nou op letten bij de keuze voor de juiste tools? Daarom een illustratie hoe je predictive analytics softwarevoor je bedrijf kunt inzetten;

Blijvende en blijere klanten: Wat vindt hij leuk? Hoe kijkt hij tegen je product aan? En hoe gedraagt hij zich daarbij? Met deze data voed je je analysemodel tot een duidelijk profiel per klant. Dit vertelt uiteindelijk welke producten hij nog meer leuk vindt, hoe hij benaderd wil worden en welke marketingcampagnes hierbij werken. Ook het punt waarop de klant zijn liefde voor het merk begint te verliezen, is een belangrijk moment om te onderscheppen. De juiste software herkent dit moment niet alleen, maar geeft meteen suggesties voor een gerichte aanpak om de klant te behouden – zoals persoonlijke aanbiedingen en andere prikkels.

Persoonlijke en gerichte marketing: personalisatie is inmiddels niet meer weg te denken. Het draagt bij aan zowel winst als klantloyaliteit. Winkels hebben de uitzonderlijke positie dat ze gemakkelijk een grote hoeveelheid data kunnen verzamelen over individuele klanten, zoals voorkeuren, aankoopgeschiedenis en winkelgedrag. Wanneer je hier de juiste software op loslaat, kun je elk aspect van je marketing- en engagementstrategie personaliseren. Met modellen op basis van specifieke klantinformatie worden data zodanig inzichtelijk dat je er gerichte aanbiedingen op kunt baseren.

Data-analyse op microniveau: Door de beschikbare data op microniveau te analyseren, focus je op individuele interacties van klanten in plaats van de grote lijnen. Zo kun je klantgedrag beter begrijpen, inzien welke producten kans van slagen hebben, prijsstellingen verbeteren, marketing beter voor je laten werken en risico’s in je voorraadbeheer verminderen. De software is er klaar voor.

Alles bij de bron; CustomerTalk


 

Facebook en de Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit stonden vorige week in een Brusselse rechtbank tegen over elkaar. Aanleiding was de beslissing van een Belgische rechter vorig jaar dat de sociale netwerksite moet stoppen met het volgen van mensen die vanuit België internetten.

De zaak tegen Facebook was door de Gegevensbeschermingsautoriteit aangespannen. Het draaide om de technieken die Facebook gebruikt om mensen zowel met als zonder profiel op websites te volgen. De rechtbank van Brussel oordeelde dat Facebook de Belgische privacywet overtreedt. Zo worden internetgebruikers niet geïnformeerd over het feit dat Facebook informatie over hen verzamelt, om wat voor informatie het gaat, wat er met die informatie wordt gedaan en hoe lang die informatie wordt bewaard.

"Aangezien Facebooks social plug-ins en pixels op miljoenen websites aanwezig zijn, kan Facebook een groot onderdeel van eenieders surfgedrag in kaart brengen. Daarbij kan het ook gaan over websites van heel gevoelige aard, zoals over gezondheidsproblemen, seksuele geaardheid en politieke voorkeuren. Vervolgens gebruikt Facebook die informatie om je surfgedrag te profileren en gebruikt zij die profilering om je gerichte reclame te tonen, zoals reclame over producten en diensten van commerciële bedrijven, boodschappen van politieke partijen, enz.", aldus de Gegevensbeschermingsautoriteit.

Facebook voerde in aanloop naar de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) verschillende aanpassingen door. Volgens de de privacytoezichthouder respecteert Facebook nog steeds de Belgische en Europese privacywetgeving niet en schendt het de fundamentele rechten van miljoenen Belgen.

De Gegevensbeschermingsautoriteit merkt op dat de verplichtingen die vroeger in de Belgische Privacywet stonden door de AVG nog strenger zijn geworden. De Autoriteit zal het Hof van Beroep te Brussel dan ook vragen om het gerechtelijke vonnis van vorig jaar te bevestigen, ook naar de toekomst toe.

Alles bij de bron; Security


 

Patiëntgegevens van honderdduizenden Nederlanders zijn verplaatst naar de cloud van Google, zonder dat patiënten daarvan afwisten. Ziekenhuizen waren wel op de hoogte.

Dat blijkt uit onderzoek van het AD. Het commerciële bedrijf Medical Research Data Manegement (MRDM) uit Deventer slaat deze gegevens op bij Google.

De behandelinformatie van patiënten betreft soms wel vijfhonderd gegevens: van medicatie en complicaties tot opnameduur en ingrepen. Die gegevens worden doorgestuurd naar 22 landelijke registratiebanken, zodat exact valt te monitoren welke instelling het beste een bepaalde aandoening kan behandelen. De gegevens worden versleuteld verstuurd en zouden dus veilig moeten zijn. 

Toch vreest Guido van 't Noordende, deskundige op het gebied van het elektronisch patiëntendossier, voor misbruik. "Voor een gigant als Google, die al zo veel data van andere mensen bezit, is het technisch vaak een fluitje van een cent om deze versleutelde data toch naar een persoon te herleiden", zegt hij tegenover de krant.

Alles bij de bron; NU


 

Sjef kon het nog steeds niet geloven. Het was begonnen als een grap. Een melig idee. Analyse van rioolwater, om de gezondheid van de wijk te verbeteren, maar ook op individueel niveau tot inzicht en interventies te komen. Gebaseerd op het oeroude principe dat de drol de gezondheid van de mens weerspiegelt.

Nu had het FD er lucht van gekregen. Een jaar later, weliswaar, maar toch. ‘Gratis wonenAls je mee laat kijken in je bed was de kop geworden. Een dag later stond de wethouder briesend naast zijn bureau. Niet omdat zij het er niet mee eens was. Nee, de ambitie om de slimste wijk te wereld te worden was hoogstpersoonlijk haar eigen idee geweest. Maar nu stond Helmond er mooi gekleurd op. Of hij in het vervolg zijn mooie ideeën iets omfloerster, ambtelijker, op kon schrijven zodat bij niemand de alarmbellen af zouden gaan.

...Misschien dat de gemeente Helmond eens kan gaan praten met de gemeente Amsterdam, om zich te laten voorlichten over het daar ontwikkelde manifest ‘tada – duidelijk over data’. Dat zich richt op een wijze stad in plaats van een slimme stad. Waar de burger centraal staat. En niet zijn data.

Helmond is meteen ook een mooie testcase voor de zes Tada principes zelf: zijn principes als ‘inclusief’, ‘zeggenschap’, ‘menselijke maat’, ‘legitiem en gecontroleerd’, ‘open en transparant’ en ‘van iedereen, voor iedereen’ concreet en sturend genoeg om ideeën voor zoiets als een Brainport Smart District in de kiem te smoren?

Want ook dat is mij eerlijk gezegd nog niet duidelijk…

Alles bij de bron; NetKwesties


 

We delen steeds meer persoonlijke informatie omdat we ons hiermee sneller, gemakkelijker en betrouwbaarder kunnen identificeren in de reële en digitale wereld. Naast identiteitsdocumenten in de echte wereld wordt er steeds vaker gebruikt gemaakt van ‘mensgebonden’ data. Dat kan informatie zijn die gekoppeld is aan bepaalde diensten, gemeten gedrag tijdens online handelingen en tegenwoordig steeds vaker biometrische gegevens.

Maar nog veel vaker wordt profielidentificatie toegepast; hoe meer je weet over een specifiek persoon, des te betrouwbaarder is de data van het gebruikersprofiel. En hoe beter je hiermee kunt controleren of dit de persoon in kwestie is en kunt voorspellen wat hij of zij gaat doen.

Dat is waarom ondernemingen steeds vaker persoonlijkere, lees meer privacygevoelige, informatie vragen om toegang te verschaffen tot hun diensten. Daarnaast claimen partijen steeds vaker de zeggenschap over iemands persoonlijke identiteit. In de digitale economie is daardoor je (online) identiteit niet meer van jezelf. Ondanks nieuwe wetgeving (AVG) is het door het constant (herver)delen van persoonlijke gegevens onmogelijk geworden nog volledig eigenaarschap over je eigen gegevens uit te oefenen.

Techniek dringt zich hiermee steeds verder op. Waar het bij de klassieke identificatie (1.0) nog gaat om ‘wie ben je,’ draait het bij identiteit 2.0 steeds meer om ‘wat doe je’-profielidentificatie op basis van je gedrag.

Je identiteit met vaststaande persoonsgegevens heb je alleen nodig om de digitale wereld te betreden. Ben je eenmaal binnen, dan telt enkel nog je fluïde digitale identiteit. Deze identiteit 2.0 staat voor alles wat jou als individu identificeert op basis van digitale gebruikerspatronen in de online wereld – vaak gekoppeld aan geregistreerd gedrag uit de reële wereld ter verificatie.

Alles bij de bron; MT


 

De Chinese overheid heeft in 2018 in totaal 23 miljoen burgers verboden een trein- of vliegticket te kopen. De Chinezen in kwestie hadden een te lage score in het ‘sociaal kredietsysteem’, waarbij elke burger een bepaald aantal punten krijgt afhankelijk van zijn gedrag.  

Het ‘sociaal kredietsysteem’ werd in 2013 geïntroduceerd en moet volgend jaar volledig operationeel zijn. De voorbije jaren werden de eerste experimenten uitgevoerd, en het systeem wordt steeds verder en op steeds meer plaatsen in het land uitgerold. Elke Chinees zal een score krijgen, die naargelang zijn gedrag kan stijgen of dalen. In de woorden van de overheid zullen ,,de betrouwbaren mogen gaan en staan waar ze willen en zullen de onbetrouwbare mensen geen stap kunnen zetten.” ,,Eens onbetrouwbaar, altijd ingeperkt”, luidt de leuze.

Kritiek op het systeem is er genoeg, maar dat lijkt de Chinese communistische overheid er niet van te weerhouden door te zetten met het systeem.

Alles bij de bron; AD


 

Geachte Kamerleden,

11 maart as. debatteert u met minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) over de Nederlandse implementatie van de Europese richtlijn inzake Passenger Name Records (PNR). Zowel de Europese PNR-richtlijn als de beoogde Nederlandse implementatiewet zijn in de optiek van Privacy First juridisch onhoudbaar. 

In het PNR-wetsvoorstel van de minister zullen talloze gegevens van alle vliegtuigpassagiers met vertrek of aankomst in Nederland 5 jaar lang in een centrale overheidsdatabank bij de nieuwe Passenger Information Unit worden bewaard en gebruikt ter voorkoming, opsporing, onderzoek en vervolging van misdrijven en terrorisme.

Gevoelige persoonsgegevens (waaronder naam- en adresgegevens, telefoonnummers, emailadressen, geboortedata, reisdata, ID-documentnummers, bestemmingen, medepassagiers en betaalgegevens) van vele miljoenen passagiers zullen daardoor jarenlang beschikbaar zijn t.b.v. datamining en profiling.

In wezen wordt iedere vliegtuigpassagier hierdoor behandeld als potentiële crimineel of terrorist. In 99,99% van de gevallen betreft het echter volstrekt onschuldige burgers, voornamelijk vakantiegangers en zakenreizigers. Dit vormt een flagrante schending van hun recht op privacy en vrijheid van beweging.

Wegens privacybezwaren bestond er de laatste jaren veel politieke weerstand tegen dergelijke massale PNR-opslag en werd dit sinds 2010 diverse malen verworpen door zowel de Nederlandse Tweede Kamer als het Europees Parlement. In 2015 waren ook de Nederlandse regeringspartijen VVD en PvdA nog mordicus tegen. Na de aanslagen in Parijs en Brussel leken veel politieke bezwaren echter als sneeuw voor de zon verdwenen en werd de PNR-richtlijn in 2016 alsnog een feit. Tot op heden is de juridisch vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit van deze richtlijn echter nog steeds niet aangetoond.

In de zomer van 2017 deed het Europees Hof van Justitie een belangrijke uitspraak over het vergelijkbare PNR-verdrag tussen de EU en Canada. Het Hof verklaarde dit verdrag ongeldig wegens strijd met het recht op privacy. Het Hof stelde hierbij onder meer dat “gegevens van een luchtreiziger na diens vertrek slechts mogen worden bewaard indien op grond van objectieve criteria kan worden aangenomen dat deze luchtreiziger een risico kan vormen in het kader van de strijd tegen terrorisme en ernstige grensoverschrijdende criminaliteit.”  

Het huidige Nederlandse PNR-wetsvoorstel lijkt bij voorbaat onrechtmatig wegens gebrek aan aantoonbare noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Het wetsvoorstel komt neer op massa-surveillance van grotendeels onschuldige burgers; reeds in de Tele-2 zaak (2016) verklaarde het Europees Hof dit type wetgeving illegaal. Bij iedere passagier worden immers talloze volstrekt overbodige data opgeslagen die jarenlang door allerlei Nederlandse, Europese en zelfs niet-Europese overheidsinstanties kunnen worden gebruikt. Bovendien is de effectiviteit van PNR tot op heden nooit aangetoond, aldus ook de minister zelf: “statistische onderbouwing is niet voorhanden” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 8). Het risico op onterechte verdenkingen en discriminatie (door feilbare algoritmes bij profiling) is bij het voorgestelde PNR-systeem levensgroot, wat tevens de kans op vertragingen en gemiste vluchten bij onschuldige passagiers verhoogt. Tegelijkertijd zullen gezochte personen vaak onder de radar blijven en alternatieve reisroutes kiezen.

Meest kwalijke aspect aan het Nederlandse PNR-wetsvoorstel is echter dat dit nog twee stappen verder gaat dan de PNR-richtlijn zelf: Nederland kiest er immers zélf voor om ook de data van passagiers op alle intra-EU vluchten op te slaan. Onder de PNR-richtlijn is dit echter niet verplicht, en had Nederland dit bovendien kunnen beperken tot louter vooraf geselecteerde (risico)vluchten. Dit zou in lijn geweest zijn met het advies van de meeste experts op dit terrein: targeted i.p.v. mass surveillance, zo gericht mogelijk, oftewel louter gericht op die personen waarop een redelijke verdenking rust, conform de principes van onze democratische rechtsstaat.
 
Privacy First adviseert u hierbij met klem om het huidige wetsvoorstel te verwerpen en dit desgewenst te vervangen door een privacyvriendelijke versie. Mocht dit ertoe leiden dat Nederland door de Europese Commissie voor het EU Hof van Justitie zal worden gedaagd wegens gebrek aan implementatie van de huidige Europese PNR-richtlijn, dan verwacht Privacy First dat Nederland deze zaak glansrijk zal winnen.  Nederland heeft hierin een eigen grondwettelijke en internationaalrechtelijke verantwoordelijkheid.

Alles bij de bron; Persbericht PrivacyFirst


 

Elf apps waarmee mensen hun meest intieme geheime delen, stuurden die gegevens ongevraagd door naar Facebook. Daardoor is het internetbedrijf ook op de hoogte van hun ovulaties, hun gewicht, hun bloeddruk of hun hartritme. Dat blijkt uit een test van The Wall Street Journal. 

Opvallend: hun gebruikers hoefden zelfs niet op Facebook te zijn ingelogd of zelfs niet eens over een Facebook-account te beschikken.

Een van de apps die informatie doorgaf aan Facebook is Flo, een app die naar eigen zeggen door 25 miljoen vrouwen gebruikt wordt om hun menstruatiecyclus bij te houden. De app vertelt Facebook bijvoorbeeld wanneer vrouwen de intentie hebben om zwanger te worden, schrijft The Wall Street Journal. Een andere populaire app, de Instant Heart Rate: HR Monitor, gaf de hartslag van haar gebruikers zelfs door naar Facebook luttele seconden nadat die in de iOS-app werd geregistreerd. 

Alles bij de bron; Knack


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha