Google presenteerde afgelopen week een even futuristische als angstaanjagende nieuwe technologie, genaamd Google Lens. Via de camera van je telefoon kan Google Lens objecten in de echte wereld identificeren en interpreteren. Het analyseert alles wat het waarneemt, begrijpt de context en komt er zo achter waar je bent en wat je wilt.

Google Lens kan bijvoorbeeld direct je gebruikersnaam en wachtwoord van een wifi-router lezen en je telefoon er automatisch mee verbinden. Ook kan het allerlei restaurants voorstellen door te bepalen waar je bent en waar je heen zou willen. Je hoeft alleen maar je camera in de juiste richting te laten wijzen. Verder zal Google Lens extreem handig zijn voor het snel bewerken van foto’s en ze direct doorsturen naar de juiste mensen, aangezien Lens zal herkennen wie er op de foto’s staan.

Zo transformeert Google in stilte je camera tot een zoekmachine. Hoewel het een natuurlijke stap vooruit is, is de hoeveelheid data die smartphone-gebruikers aan het bedrijf aanleveren verbijsterend. Het lijkt erop dat Lens de meer sociaal acceptabele versie van Google Glass moet worden. Deze mislukte, omdat mensen buiten de techwereld het een huiveringwekkend idee vonden. Googles visie op de toekomst klinkt geweldig, maar al dat gebruiksgemak komt tegen een hoge prijs.

Alles bij de bron; WelingelichteKringen


 

Nederland is op weg het eerste land ter wereld te worden waar de politie overal inbraak en roof voorspelt met ‘big data’. 

Het is géén „glazen bol”, volgens de Nationale Politie. Toch probeert een nieuw computersysteem de plaats en het tijdstip van zakkenrollerij, straatroof, geweld, diefstal en bedrijfsinbraken te voorspellen. Maandag presenteerde de politie resultaten van proefprojecten in onder meer Hoorn, Enschede, Groningen en Den Haag. De politie wil dit ‘Criminaliteits Anticipatie Systeem’ (CAS) nog dit jaar invoeren in heel Nederland. Lukt dat, dan is Nederland het eerste land ter wereld waar predictive policing in alle regio’s wordt toegepast. In andere landen, zoals het Verenigd Koninkrijk of de Verenigde Staten, gebeurt het alleen lokaal.

CAS gebruikt data, héél veel data. Hoe meer gegevens het systeem heeft, hoe slimmer het voorspelt. Algoritmen bepalen waar en wanneer de politie een verhoogde kans op criminaliteit kan verwachten. De politie speelt daarop in. Het systeem wordt nu ingevoerd naar alle 168 basisteams van de politie. Op dit moment krijgen tientallen politieteams al elk weekend een set kaarten met voorspellingen over de volgende week. Op basis van deze kaarten met voorspellingen worden van sommige politieteams al de roosters opgesteld. Het algoritme vertelt niet waaróm een bepaald delict kan worden verwacht; het laat conclusies trekken over aan lokale agenten.

CAS verschilt nog flink van het beeld uit Minority Report: het systeem wijst geen individuen aan omdat ze mogelijk een delict willen plegen, maar houdt het bij wijken waar het risico op criminaliteit hoger is. Ook worden geen gegevens over etniciteit met het systeem gedeeld. Toch is niet uit te sluiten, zegt Melchers, dat bijvoorbeeld wijkagenten met hun kennis op basis van de kaarten met voorspellingen conclusies trekken wie bepaald crimineel gedrag zou kunnen gaan vertonen.

CAS lijkt in de huidige vorm niet zo ingericht dat het allerlei privacyalarmbellen doet afgaan, zegt Nico van Eijk, hoogleraar informatierecht. „Over het algemeen is de norm: data-analyse tot op postcodeniveau is relatief acceptabel, maar analyseren op persoonlijk niveau is een ander verhaal.”

Toch wijst Van Eijk op het gevaar dat een systeem, wanneer het effectief blijkt, wordt uitgebouwd en geleidelijk morele grenzen overschrijdt. Wordt CAS bijvoorbeeld in de toekomst gekoppeld aan andere politiesystemen, zoals slimme camera’s waarmee verdacht gedrag wordt vastgesteld? Inlichtingendiensten in Nederland hebben te maken met een toezichthouder, maar er is geen onafhankelijke partij die het gebruik van CAS controleert.

Alles bij de bron; pdfNRC


 

Het politiekorps van de Engelse stad Durham wil voortaan op artificiële intelligentie beroep doen om te bepalen of verdachten van een misdrijf best aangehouden blijven of daarentegen op borgtocht opnieuw in vrijheid kunnen worden gesteld. Daarbij zal het korps gebruik maken van de Harm Assessment Risk Tool (Hart), een programma dat door wetenschappers aan de Cambridge University werd ontwikkeld.

Hart berekent aan de hand van het geslacht, de postcode en het strafregister van de verdachte of er sprake is van een laag, middelmatig of hoog risico op recidivisme. De app werd vier jaar geleden door computer-wetenschappers in Cambridge voor de eerste keer gebruikt. Aan de conclusies van het algoritme werden toen echter geen beleidsbeslissingen gekoppeld. Verdachten werden aan de hand van de parameters in verschillende risico-categorieën ondergebracht, waarna gedurende twee jaar eventuele gevallen van recidivisme werden geregistreerd. Bij een hoog risico op een herval kon een accuraatheid van 88 procent procent worden gemeld, maar bij een laag risico liep dat zelfs op tot 98 procent.

Critici zien diverse gevaren. In eerste plaats wordt opgemerkt dat in werkelijkheid de keuze aan het algoritme zal worden overgelaten, aangezien weinig officieren zin zullen hebben om een alternatieve beslissing tegenover de hogere hiërarchie te verdedigen. Bovendien wordt aangegeven dat nog nauwelijks naar de argumenten van de raadsmannen van verdachten zal worden geluisterd. Tenslotte wordt gewaarschuwd voor schadeclaims van personen die door het algoritme onterecht in de cel worden gehouden.

Alles bij de bron; Express [Thnx-2-Luc]


 

We kijken al lang niet meer op als Siri, de IPhone-assistente onze verzoeken met tal van suggesties beantwoordt of wanneer Bol.com denkt dat we ook wel geïnteresseerd kunnen zijn in een paar modieuze teenslippers net nadat we een design lamp aankochten. Ons rechtvaardigheidsgevoel krijgt zelfs een opkikkertje als we lezen dat controlediensten Financiën data-analyse toepassen om fiscale fraude te detecteren.

De verbazing is dan ook beperkt nu we vernemen dat de VDAB-toepassingen binnenkort heel wat voorspellende informatie zullen aanleveren. De VDAB heeft als publieke bemiddelingsdienst de afgelopen decennia een hele transformatie doorgemaakt;  “VDAB wordt de Amazon van de arbeidsmarkt” dixit Fons Leroy.

VDAB beschikt niet alleen over honderdduizenden digitale dossiers van werkzoekenden maar ze ontvangen jaarlijks ook tienduizenden nieuwe vacatures. VDAB zorgt voor een automatisch vacatureaanbod door in enkele milliseconden honderdduizenden werkzoekenden te matchen met de tienduizenden vacatures. Daarnaast beheert de overheid in tal van andere levensdomeinen databanken die de burgers en diensten toelaten dezelfde informatie niet altijd opnieuw te moeten opgeven.  Door het koppelen van deze databanken kan de VDAB ook andere parameters uit de loopbanen kruisen met hun bemiddelingsgegevens.

En nog meer tot de verbeelding spreekt de registratie van het clickgedrag van diezelfde mensen wanneer ze gebruik maken van de tools die VDAB beschikbaar stelt. Deze gigantische berg aan dossier- en arbeidsmarktinformatie vormen samen met de matchings-, navigatie- en historische gegevens, de Big Data van de VDAB. Via een statistische benadering kunnen er aanbevelingen worden geformuleerd die de klant moet vooruithelpen in zijn zoektocht. Ze doen dit door data te verzamelen in grote datasets, deze te analyseren en vervolgens patronen en verbanden voor te stellen die een voorspellende uitspraak doen over het gedrag van de klant/gebruiker.

Het opgraven van deze informatieschat heet Datamining, het proces om via deze algoritmes voorspellende modellen te creëren die door een voortdurende stroom aan nieuwe data gevoed en aangepast worden, omschrijft men als Machine Learning. Volgens professor Max Welling, hoogleraar Machine Learning aan de Universiteit van Amsterdam is het naïef om blind te blijven voor de gevaren van de dataficatie, zoals privacy schendingen, misbruik van gegevens, het trekken van verkeerde conclusies, of de ontmenselijking van de dienstverlening...

...De digitalisering is een realiteit en het opgraven en exploiteren van dit nieuwe goud zal nog exponentieel toenemen. De overheid moet gebruik maken van de merites van deze technologieën om wins voor haar burgers te realiseren. Maar ze moet ook maatstaven ontwikkelen zodat deze platformen betrouwbaar zijn in analyse, rechtvaardig in hun output en transparant in hun opzet. Pas dan zal de nieuwe technologie bij de overheid een breed maatschappelijk draagvlak verdienen.

Alles bij de bron; deWereldMorgen


 

Zonder privacy geen vrijheid, betoogde hoogleraar Bart Jacobs laatst. Dat is zichtbaar onjuist, en dat geldt dus ook voor zijn pleidooi voor de volgens journalist Peter Olsthoorn draconische maatregelen.

.... De Tweede Kamer, media en publiek moeten alert zijn op datamisbruik en op besluiten die door computers genomen worden, zonder verdere controle. Zo kreeg de Tweede Kamer contouren voor een 'Kaderwet gegevensuitwisseling', maar niemand sloeg er acht op. Evenmin op het overzicht datakoppelingen van overheden: 57 pagina's ontoegankelijke tabellen.

...Er is nog geen begin van een antwoord op de grote vragen over data-inzet en anonimiteit. 'Big data' bieden inzicht in ziekten als ALS en Parkinson, ook in armoede, fraude, schooluitval en in polarisatie, radicalisering en racisme/antisemitisme. Maar tegen welke privacyprijs? Daar moet zeker open debat over komen, met het hele parlement en met ons. En we moeten eerst zelf zuiniger worden met data.

Zo heb ik geen mobiel internet - de privacyalarmisten wel - dus loop ik 'onbespied' rond in de openbare ruimte. Ik lees onderweg Trouw of een boek en kijk om me heen. Begin bij jezelf...

Alles bij de bron; Trouw


 

Datamining is het gericht zoeken naar statistische verbanden in heel grote gegevensverzamelingen met als doel profielen op te stellen. "Je gaat op zoek naar gelijkenissen tussen individuen, waardoor je subgroepen kan identificeren binnen de grote set van gegevens", zegt Sarah Steenhaut, professor Digitale Marketing aan de UGent in "De wereld vandaag". 

In de marketing is het een techniek die al redelijk lang bestaat, maar door de explosie van de data vandaag krijgt datamining een heel nieuwe dimensie. Door de sociale media is het aantal digitale sporen dat we nalaten explosief toegenomen. "Het gaat om hoe we ons voelen, welke merken we leuk vinden, met wie we verbonden zijn, en zo voort. Zonder dat we het beseffen laten we heel veel informatie over onszelf na". Op dezelfde basis als in de marketing wordt datamining nu op andere terreinen toegepast. "Het gaat over het identificeren van gelijkaardige patronen en profielen, en die gebruiken om de  boodschap naar bepaalde subgroepen meer persoonlijk te maken ", zegt Steenhaut.

In de Verenigde Staten wordt al langer gebruikt gemaakt van datamining om campagne te voeren, "Daar werd in eerste instantie aan het verzamelen van informatie gedaan, maar nadien ging men nog een stap verder door de profielen zo te verfijnen en die subgroepen dan zeer gerichte berichten te sturen, via mailing of via sociale media", stelt Steenhaut. 

"De bedrijven die de data verzamelen, hebben daardoor alle macht in handen en dan komen natuurlijk de discussie en de ethische vraagstukken over datatoegankelijkheid, privacy en transparantie naar boven. Vanuit de overheid moeten we dit thema zeer goed opvolgen en moet er gezocht worden om telkens opnieuw ervoor te zorgen dat de eindconsument weet dat hij een zekere bescherming krijgt", besluit Steenhaut.

Alles bij de bron; deRedactie


 

Vorig jaar zijn er zo'n 28.000 nieuwe dna-profielen van personen aan de dna-database van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) toegevoegd, waardoor de database nu de dna-profielen van ruim 252.000 mensen bevat. Dat heeft het NFI in het Jaarverslag DNA-databank bekendgemaakt (pdf).

Het totaal aantal personen dat ooit als minderjarige (12 t/m 17 jaar) in de dna-database is opgenomen, groeide naar zo'n 27.500. Van die personen waren er ruim 3000 op 31 december 2016 nog steeds minderjarig en ruim 24.000 inmiddels meerderjarig geworden. Ten opzichte van het totale aantal ooit in de dna-database opgenomen personen bedraagt het percentage personen dat tot en met 2016 als minderjarige is opgenomen 10,4 procent.

Het aantal dna-profielen van sporen in de database groeide vorig jaar met bijna 3800 naar 70.000. In de dna-database voor strafzaken hebben vorig jaar zo'n 5600 matches plaatsgevonden tussen een dna-profiel van een spoor en een dna-profiel van een persoon. Dat betekent dat gemiddeld iedere dag 15 keer een persoon kon worden gekoppeld aan een spoor dat op een plaats delict werd gevonden.

Alles bij de bron; Security


 

De politie gaat samenwerken met wetenschappers om beter informatie uit in beslag genomen smartphones en computers van verdachten te kunnen halen. Het idee is dat een computer met nieuwe technieken razendsnel miljoenen foto’s, berichten, locatiegegevens en filmpjes kan doorpluizen op zoek naar verbanden die een agent met het blote oog niet snel ziet.

De politie begint daarvoor het project ‘Politielab’ met Amsterdam Data Science. Dat is een samenwerkingsverband van de twee universiteiten en hogeschool in Amsterdam, en het Centrum Wiskunde & Informatica. Nu al gebruikt de politie computertools waarmee automatisch kan worden gezocht in gegevens. Politielab moet de volgende stap zetten. Zo moet de rechercheur met een druk op de knop een samenvatting krijgen van wat er interessant kan zijn van alle in beslag genomen apparaten. De computer ziet relaties en (afwijkende) patronen in de gegevens.

"Door de nieuwe tools kunnen wij straks hopelijk meer kennis halen uit de berg informatie die we in beslag hebben genomen.” zegt Theo van der Plas, programmadirecteur digitalisering en cybercrime van de politie. 

Daarmee worden niet alle problemen voor de politie opgelost, erkent hij. Gegevens die versleuteld zijn, zijn ook met de nieuwe tools niet te doorzoeken. Daarom is ook de nieuwe Wet Computercriminaliteit, die momenteel in behandeling is in de Eerste Kamer, belangrijk, zegt hij. Die geeft de politie de bevoegdheid computersystemen van verdachten te hacken, wat er onder meer voor moet zorgen dat informatie wordt verzameld vóórdat die versleuteld is. Daarnaast heeft de Hoge Raad zich onlangs uitgesproken over het doorzoeken van alle informatie op een smartphone. Dat kan een bijna compleet beeld opleveren van iemands persoonlijke leven en mag volgens het arrest dus niet zonder toestemming van een officier van justitie of rechter-commissaris, wat tot voor kort niet altijd gebeurde.

Alles bij de bron; Trouw


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha