Hoogleraar informatierecht Nico van Eijk adviseerde de Kamer om de wet computercriminaliteit III niet eens in behandeling te nemen, maar de hoogleraar was niet de enige die forse kritiek uitte op het wetsvoorstel, dat in december bij de Tweede Kamer is ingediend. Zo noemde Jacob Kohnstamm, voorzitter van de Nederlandse privacytoezichthouder Autoriteit Persoonsgegevens, de in het wetsvoorstel geïntroduceerde hackbevoegdheid een 'ongekende inbreuk' op de persoonlijke levenssfeer. Hij is het met Van Eijk eens dat er aanvullende waarborgen nodig zijn. Het voorstel zou bovendien niet in lijn zijn met recente uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Aanvullende kritiek kwam vanuit de Nederlandse Orde van Advocaten, die erop aandrong de wet vooraf zo goed mogelijk te regelen. "Er moeten vooraf controlemogelijkheden en voorwaarden worden ingebouwd, want als je het weggeeft ben je het voor altijd kwijt", zo stelde een woordvoerder. 

Ronald Prins, van beveiligingsbedrijf Fox IT, stelde dat zero days lang niet altijd nodig zijn en dat de NSA zelf aangeeft deze niet nodig te hebben om een systeem binnen te dringen. Ook reageerde hij op eerdere kritiek over het aspect van het wetsvoorstel, waarmee de hackbevoegdheid ook bij computers in het buitenland ingezet mag worden. Het zou van tevoren namelijk helemaal niet mogelijk zijn om aan de hand van een ip-adres vast te stellen waar een computer zicht bevindt, omdat er achter een adres een hele ketting van verschillende computers kan hangen. Volgens Prins moet de hackbevoegdheid een laatste redmiddel zijn.

Ook uitte een vertegenwoordiger van Google kritiek het het wetsvoorstel, omdat dit het internet in plaats van veiliger juist onveiliger zou maken. Ook zou het ervoor zorgen dat landen minder vertrouwen hebben in Nederland als 'internetland'. 

Alles  bij de bron; Tweakers



Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha