De overheid onderzoekt of het papieren paspoort door een digitale versie is te vervangen. Eind dit jaar start er een proef met paspoortloos reizen waarbij reizigers tussen Nederland en Canada zich via hun smartphone kunnen legitimeren. Dat heeft staatssecretaris Ankie Broekers-Knol laten weten op Kamervragen van D66 die tien maanden geleden werden gesteld. Voor Kamervragen staat een beantwoordingstermijn van drie weken.

Volgens de staatssecretaris zal de proef naar verwachting eind dit jaar starten met een technische en operationele test door een besloten doelgroep bestaande uit medewerkers van partijen die bij het project betrokken zijn. 

Broekers-Knol benadrukt dat het huidige, fysieke paspoort het enige document blijft waarmee reizigers legaal de Schengenbuitengrens kunnen passeren. Deelnemers aan de test zullen dan hun paspoort ook altijd bij zich moeten dragen. Doordat de controle van het paspoort eerder heeft plaatsgevonden bij de registratie en het genereren van een digitale kopie van het paspoort, volstaat om bij de grens alleen deze digitale kopie te tonen. De digitale kopie van het paspoort wordt opgeslagen in een beveiligde database, die wordt beheerd door de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG).

Via de bijbehorende app kunnen deelnemers aan de test hun gegevens met bijvoorbeeld de grensautoriteiten en luchtvaartmaatschappij delen. Daarbij is het mogelijk om alleen die gegevens te delen die de betreffende organisatie nodig heeft voor het uitvoeren van de betreffende taak. Opgeslagen gegevens worden na afloop van de proef gewist.

Hoewel het hier nog om een proef gaat zijn zowel de Nederlandse overheid als andere landen en luchtvaartorganisaties actief bezig om naar de mogelijkheden van een digitaal paspoort te kijken, zo laat de staatssecretaris weten: "In verschillende landen, waaronder Nederland, wordt onderzocht of het 'papieren' reisdocument op termijn kan worden vervangen door een digitale representatie daarvan en aan welke voorwaarden moet zijn voldaan om dat mogelijk te maken."

Alles bij de bron; Security


 

Kantooruitbater Tribes wil die veiligheid bieden door iedereen bij binnenkomst te scannen met warmtecamera's en zo mogelijke coronapatiënten buiten de deur houden. Goede kans dat het bedrijf het hierdoor aan de stok krijgt met de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Want werkgevers die de temperatuur van hun werknemers opmeten kunnen een fikse boete verwachten, liet de toezichthouder eerder al weten.

Het is verleidelijk privacybewakers af te schilderen als spelbrekers bij het heropenen van Nederland, maar dat zou onterecht zijn. Privacy is een groot goed dat zorgvuldig bewaakt moet worden, ook in crisistijd. Maar zeker zo belangrijk: zonder een kritische privacywaakhond loopt Nederland het risico allerlei zinloze maatregelen te introduceren. Het ondernemen van actie geeft immers gevoel van controle en de behoefte aan controle is in onzekere tijden groot, zelfs al levert die controle weinig op. Dankzij de privacytoezichthouder worden plannen op doelmatigheid én alternatieven ten minste getoetst.

Noodzaak om bezoekers te scannen met warmtecamera's is er nauwelijks, want een verhoging van de lichaamstemperatuur zegt weinig over een besmetting. Daarmee zijn warmtecamera's meer een schijnoplossing dan effectieve bescherming tegen het virus. Een werksfeer waarin medewerkers thuis durven te blijven bij de geringste klachten is minder privacyverstorend en effectiever.

Ook het nut van de coronatracing-apps, die contacten in kaart brengen zodat die geïnformeerd kunnen worden als later een besmetting blijkt, is verre van bewezen. Experts zien talloze (technische) beperkingen. Dat maakt het twijfelachtig of de apps überhaupt wel gaan werken.

Enige privacy inruilen voor betere bescherming kan functioneel zijn, maar privacy opofferen zonder dat daar betere bescherming tegenover staat, is zonde. De kritische houding van de AP is dan ook van harte toe te juichen.

Alles bij de bron; FD [(gratis)registratie noodzakelijk]


 

De Wet Gegevensverwerking door Samenwerkingsverbanden biedt volgens ons kabinet een ‘slimmere aanpak’ om ondermijnende criminaliteit in kaart te brengen. Wie echter denkt dat ‘Super SyRI’ zich enkel richt op criminele netwerken en malafide bedrijven, doet er goed aan om verder te kijken dan de communicatie vanuit de overheid omtrent deze wet...

...Alweer een tijd terug werd ik door een voormalig student van me benaderd om een presentatie te geven aan een gezelschap van het Ministerie van Binnenlandse Zaken over big data. Ik wist nog niet zo goed wat ik aan dit gezelschap ging vertellen dus ik vroeg hem of er wat betreft big data ontwikkelingen waren waarbij ik aan kon haken. ‘Finpro’ antwoordde hij, ‘Finpro is de heilige graal van big data bij de overheid’. Na een korte queeste kwam ik uit op het volgende.

Finpro is een big data project gestart rond 2014 waarbij verschillende partijen hun data bij elkaar brachten bij een omderzoeksbureautje van Annemieke Roobeek, destijds hoogleraar strategie en transformatiemanagement aan de Nyenrode Universiteit, de uni voor trustfundkinderen. De partijen die deze data bij elkaar brachten waren enerzijds publieke autoriteiten zoals de gemeente, de politie en het OM (de Belastingdienst wilde niet meewerken). Anderzijds waren er ook private partijen die hun gegevens hadden gedeeld, maar we weten tot op de dag vandaag niet wie, want die partijen hadden een non-disclosure agreement laten tekenen. In de wandelgangen ging rond dat het banken waren.

Door deze data aan elkaar te koppelen kon mevrouw Roobeek naar eigen zeggen ‘collectieve intelligentie’ opbouwen en stelde zij het volgende: ‘We hebben de onzichtbare onveiligheid zichtbaar gemaakt’. Ze geeft commentaar in een artikel in het Financieel Dagblad waarin ze zegt dat de criminaliteit zich afspeelt onder het oppervlakte, niet een constatering die een big data analyse behoeft, maar goed. Criminele gedragingen zorgen volgens haar voor ‘normvervaging’ en als mensen anderen rijk zien worden door dit gedrag voelen deze ‘zich ook niet meer gebonden aan de wet, en slaan, soms vanuit armoede, aan het sjoemelen met uitkeringen, toeslagen of schoolinschrijvingen’. Het gaat om mensen ‘die stelselmatig de overheid als flappentap gebruiken’.

Bovenstaande geeft een goede indicatie van de groepen mensen die door de WGS zullen worden geraakt en de bevoegdheid zoals die nu in het wetsvoorstel staat: ‘het voorkomen en bestrijden van grootschalige of systematisch onrechtmatig gebruik van overheidsgelden en overheidsvoorzieningen’.  De WGS is dus geenszins een wet die alleen inzet op zware criminelen.

Bovendien ziet de WGS niet alleen op ‘bestrijden’, maar ook op voorkomen. Wie herinnert zich het verhaal van RTL van een moeder wiens toeslagen waren stopgezet en die na inzage erachter kwam dat haar toeslagen waren stopgezet, omdat ze een drugsdelict ‘zou gaan plegen’. Het voorspellen van patronen kan er ook toe leiden dat partijen menen de toekomst te kunnen voorspellen, of die nu klopt of niet. Op basis daarvan zijn beslissingen genomen waardoor mensen in zulke moeilijke posities kwamen dat er echtscheidingen, ontslagen of zelfs zelfmoorden uit volgden. Het zou de overheid passen om eerst uitvoerig uit te zoeken hoe je dergelijke misstanden kan voorkomen, in plaats van wetgeving uit te vaardigen waarin dergelijke risicovolle analyses maatschappijbreed mogelijk worden gemaakt.

Alles bij de bron; PlatformBurgerrechten


 

Ministeries stellen openbaarmaking van overheidsdocumenten uit vanwege de coronacrisis. Zo verliezen journalisten een middel om de politieke besluitvorming te controleren. 

Minister de Jonge ging tijdens het coronadebat in de Tweede Kamer vorige week voor zijn „mensen staan”. Het is vanwege de Covid-19-epidemie te druk op zijn ministerie en verzoeken om de openbaarmaking van overheidsdocumenten moeten daarom tot zeker 1 juni wachten. Hij bevestigde daarmee wat velen de afgelopen weken al zagen gebeuren: de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) komt even op het tweede plan. Tot ongenoegen van veel journalisten, grootverbruikers van de Wob.

Dat de procedures wat langer gingen duren, dat hadden ze verwacht. Maar er helemaal niet aan beginnen? Dat gaat een stap te ver. „Zo wordt de controle op de macht uitgehold – is dit ook het ‘nieuwe normaal’?”, vroeg RTL Nieuws-journalist Pieter Klein zich af. Zijn belangrijkste vraag: mag dat eigenlijk wel, de Wob zomaar aan de kant schuiven?..

...Niet alleen het ministerie van VWS stelt de behandeling van verzoeken uit, ook bij het ministerie van Justitie en Veiligheid hebben de Wobs nu geen prioriteit. Verzoeken die al voor de Covid-19-uitbraak in Nederland waren ingediend, lopen eveneens weken tot maanden vertraging op. 

Het belangrijkste instrument dat de overheid heeft om verzoeken te vertragen, is een overmachtsclausule uit het bestuursrecht. Waar een ministerie of gemeente normaal een beslistermijn heeft van vier weken – met daarna nog maximaal vier weken – kan een Wob-verzoek dan voor bepaalde tijd worden aangehouden. 

De vraag is alleen: is er bij de overheid nu sprake van overmacht? Advocaat en docent bestuursrecht aan Rijksuniversiteit Groningen (RUG), Rob Wertheim kan zich voorstellen dat ambtenaren het druk hebben, maar „een capaciteitsprobleem is eerder geen geldige reden gebleken”. Ook Wob-specialist Roger Vleugels, die veel media bijstaat met het opstellen van Wob-verzoeken, zet zijn vraagtekens bij de opschorting. Hij wijst op de Wob-juristen die veel overheden in dienst hebben. „Als het goed is hebben ze geen betrokkenheid bij de coronacrisis en dus moeten ze gewoon hun taak kunnen uitvoeren.” Het verwijzen naar drukte zou „een trucje” kunnen zijn, denkt advocaat Wertheim. „Het kan niet zo zijn dat overmacht voor uitstel van elk besluit wordt gebruikt.” 

Dat het nu waarschijnlijk moeilijker wordt de vinger achter die processen te krijgen, past volgens De Vos bij „oestergedrag” dat hij bij het kabinet constateert. „Juist op het moment dat er openheid moet worden getoond, worden wij eigenlijk tegengewerkt in het doorlichten van de beslissingen van het kabinet. Ook bij de persconferenties lijkt steeds minder ruimte voor kritische ondervraging. De informatievoorziening wordt pr-achtig.”

Een gang naar de rechter lijkt kansrijk. In maart sprak de rechtbank van Midden-Nederland zich uit over een Wob-verzoek van de NOS bij het ministerie van Justitie en Veiligheid. Dat lag er al sinds december, maar volgens het ministerie was het vanwege de lockdown inmiddels moeilijker werken. Daar zag de rechter weinig in. NOS-verslaggever Ben Meindertsma: „De rechtbank stelde voor onze zaak een nieuwe datum voor de bepaling en maakte daarbij duidelijk dat de ministerie na een aantal weken wel gewend moet zijn aan de nieuwe werkomstandigheden.”

Alles bij de bron; NRC


 

In de ochtendkrant van zaterdag 2 mei kondigde het Algemeen Dagblad in de Utrechtse editie aan dat men op 5 mei Bevrijdingsdag met een drone de inwoners van Utrecht gaat filmen. Omdat Vrijbit opkomt voor het fundamentele mensenrecht van (onschuldige) burgers om onbespied te kunnen leven riepen we AD middels bijgaande brief op om deze actie alsnog af te blazen.

Het AD heeft gemeend om het vieren van de Vrijheid op 5 mei in Utrecht te gaan opluisteren door met een drone boven de stad opnamen te gaan maken.

Vrijbit is van mening dat dit een onacceptabele inbreuk maakt op het fundamentele recht van mensen om onbespied te kunnen leven.

We vinden het onbegrijpelijk en stuitend dat men, uitgerekend op Bevrijdingsdag, met een drone het gedrag van de inwoners van Utrecht in kaart te gaan brengen. Beeldopnames gaat maken die niet alleen voor een eenmalige papieren kranteneditie gebruikt kunnen gaan worden maar ook online voor altijd kunnen blijven circuleren.

Principieel maakt dit soort praktijken op onwettige wijze een inbreuk op het fundamentele mensenrecht op bescherming van het privéleven, van iedereen die op die dag op eigen erf, tuin of dakterras graag van de Vrijheid wil genieten. Het feit dat velen momenteel aan huis gekluisterd zijn maakt alles nog eens extra wrang...

...Dat er voor de actie een vergunning is verleend acht Vrijbit onrechtmatig. ...de vergunningverlener, wegens gebrek aan een vereist groot maatschappelijk belang en vereisten aan proportionaliteit en subsidiariteit, heeft met het verlenen van toestemming onrechtmatig gehandeld. De persvrijheid- ook een voornaam recht- komt beslist niet in het gedrang als men Bevrijdingsdag-activiteiten niet met een drone observeert.

Alles bij de bron; Persbericht Burgerrechtenvereniging Vrijbit


 

We vieren dit jaar 75 jaar bevrijding. Dat was voor het Nationaal Comité 4 en 5 mei en het Sociaal Cultureel Planbureau reden ‘De stand van vrijheid’ [pdf] in het Nederland van 2020 te inventariseren. 

Bij de officiële herdenking op 4 mei en de dito viering van 5 mei staat steevast de herwonnen vrijheid centraal, maar dat gaat dus nogal voorbij aan de hedendaagse vrijheidsbeleving. Vrijheid, dat is voor de meeste Nederlanders ‘gewoon jezelf zijn’, je eigen keuzes kunnen maken, zelf bepalen wat je wel of niet doet.

Het is opvallend hoe weinig Nederlanders van nu bij het begrip ‘vrijheid’ denken aan het soort juridische begrippen als ‘grondwet’ of ‘grondrechten’. Als Nederlanders al aan het staatsrechtelijke begrip ‘vrijheid’ denken, dan denken ze aan de vrijheid van meningsuiting. De meningsuiting is bij uitstek waar in Nederland erg aan gehecht wordt en iets wat als typisch Nederlands wordt gezien.

De vrijheid van meningsuiting legt als het ware de verbinding tussen het volop beleefde idee van persoonlijke vrijheid en het veel minder actief beleefde idee van formele rechten en vrijheden, zoals die in wetten en verdragen is vastgelegd. Misschien worden die rechten en vrijheden – waar de democratie een onlosmakelijk onderdeel van uitmaakt – wel als zo vanzelfsprekend gezien dat ondervraagden niet eens op het idee komen te bedenken dat die ter discussie zouden staan. De schrijvers van het rapport De stand van vrijheid [pdf] noemen die vanzelfsprekendheid van de vrijheid niet voor niets ‘verraderlijk’.

De historicus René Cuperus constateerde enkele jaren geleden al dat “heel veel mensen – academici, zeker ook van linkse signatuur – het basisidee van de democratie niet meer accepteren, namelijk het idee dat iedere stem evenveel waard is. Er wordt met verachting neergekeken op gewone mensen”. Cuperus noemt dat ‘volksangst’. 

De Leidse hoogleraar staats- en bestuursrecht Wim Voermans signaleerde in de kabinetsreactie op de Staatscommissie-Remkes iets soortgelijks. Die commissie trok eind 2018 aan de alarmbel, omdat een derde van de kiezers aan het afhaken is: ze voelen zich niet meer vertegenwoordigd. Een correctief referendum zou kunnen helpen, aldus Johan Remkes c.s., als ook het terugdringen van de technocratie. 

Maar wat deed het kabinet-Rutte? Voermans: “Waar de commissie-Remkes de posities en vertegenwoordiging van (afgehaakte) kiezers wil versterken, wijst het kabinet die burger doodleuk aan als een soort gevaar zettende bedreiging die moet worden (her)opgevoed.” Voermans doelt daarbij onder meer op ‘burgerschapsonderwijs’, plannen voor ‘participatie zonder zeggenschap’, ‘burgerschapsfora’ en ‘nietszeggende vormen van het ‘horen’ van de burger in uitlegrondes.

Als we 75 jaar na de bevrijding niet alleen de bevrijding van de Duitse bezetters vieren, maar ook vrijheid in het algemeen, dan is er dus niet alleen reden voor viering. Al was het maar omdat lang niet alle Nederlanders van nu zo doordrongen zijn van de noodzaak van rechten en vrijheden die op papier zo logisch lijken. En ook omdat de overheid de rechten en vrijheden van burgers niet altijd zo vanzelfsprekend vinden als 75 jaar na De Bevrijding en vijftig jaar na de jaren zestig logisch zou moeten zijn...

...Het is ook niet alleen het kabinet-Rutte dat in plaats van meer democratie liever de burgers heropgevoed ziet. Steeds vaker zijn er politici die thema’s (klimaat, terrorisme, Europa, corona) van zo’n groot belang vinden dat de democratische rechten en vrijheden maar even moeten wijken. Privacy – het recht om niet door de overheid, bedrijven of andere burgers te worden beloerd – is in de praktijk al een dode letter geworden.

Er is altijd wel een argument of een belang om de rechten en vrijheden van burgers opzij te zetten. Er is altijd wel een reden om veiligheid, gezondheid, de temperatuur op aarde of de bestrijding van een epidemie nu even belangrijker te vinden. Niet alleen politici, ook kiezers en zelfs sommige journalisten vinden dat enige inperking van rechten en vrijheden op zijn plaats is.

En zo wijkt er in hoog tempo van alles dat in een eeuw is opgebouwd. 

De vrijheid die op de nazi’s is herwonnen bestaat nog maar driekwart eeuw. Maar als de overheid omwille van ‘het klimaat’ het ‘binnentredingsrecht’ krijgt om tegen de wil van de bewoner het gas af te sluiten, als overheden samen met monopolistische bedrijven wat zij ‘nepnieuws’ vinden willen verbieden, als in de praktijk niet alleen boeven maar ook burgers de hele dag kunnen worden gevolgd, dan zijn rechten en vrijheden van burgers helemaal niet zo vanzelfsprekend. Dan is ons gevoel van vrijheid verraderlijk.

Alles bij de bron; Comité-4&5mei

In de plannen voor na de coronalockdown zijn maar weinig zaken heilig. Plannetjes, proefballonnetjes en noodgrepen van werkgevers, winkels, horeca of overheid laten vooral zien hoe wanhopig we proberen de crisissituatie sneller achter ons te laten dan wellicht verantwoord is.

Privacy en rechten liggen van alle kanten onder vuur, ook vanuit de overheid. De kabinetsplannen om in recordtijd corona-apps te ontwikkelen, vielen al door de mand vanwege openlijke en verborgen privacyzonden bij de opzet en ontwikkeling ervan. En deze week zei Onderwijsminister Ingrid van Engelshoven dat studenten moeten accepteren dat ze digitaal worden gevolgd bij online examens. “In deze tijd moet iedereen soms dingen accepteren die we minder prettig vinden.” Dat is dezelfde overheid die nog geen twee jaar geleden pal stond voor strengere Europese privacyregels.

Aan alle kanten wordt aan verworvenheden getornd. Wie aan de Zuidas flexkantoor Tribes binnenstapt, wordt door een warmtecamera ­onder vuur genomen. Is de temperatuur te hoog, ‘dan wordt men verzocht huiswaarts te keren’. Wie bezwaar maakt, wordt op verzoek nog eens getemperatuurd. Volgens de topman van Tribes is het toegestaan, omdat er geen ­gegevens worden opgeslagen en slechts de ­temperatuur wordt getoond.

Aleid Wolfsen van privacywaakhond Autoriteit Persoonsgegevens (AP) denkt daar heel anders over; “Een ondernemer mag geen dokter spelen. Dit is een ernstige overtreding van de privacywet. Als dit gebeurt, zullen we handhaven. Vaak denken werkgevers dat ze dit wel mogen als ze toestemming krijgen, maar in een arbeidsrelatie is geen sprake van gelijkwaardigheid. Een werknemer kan zich onder druk gezet voelen om toestemming te geven.”

In het coronakantoor dat een vastgoedadviseur aan de Zuidas heeft ingericht, kan met sensoren worden gezien of er niet te veel mensen bij de koffieautomaat staan. “In het volgen van mensen zitten best gevoeligheden,” erkent de bedenker. “We doen het op vrijwillige basis en zien alleen de stromen, niet de mensen zelf.”

“Natuurlijk willen we allemaal zo snel mogelijk weer aan het werk. Maar we willen niet over een paar maanden wakker worden in een samenleving met Chinese toestanden, waarin de werkgever voortdurend met je meekijkt, zelfs je zorggegevens kan inzien en daaraan allerlei consequenties kan verbinden.” aldus Wolfsen.

Alles bij de bron; Parool


 

De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming (EDPS) gaat een onderzoek starten naar de langetermijngevolgen van de wereldwijde pandemie voor onze fundamentele rechten en vrijheden. 

"De maatregelen die door de crisis zijn opgelegd hebben al invloed op onze samenleving, onze economie en onze omgeving. Exit-strategieën zullen ook tot een nieuw normaal leiden", zegt Wojciech Wiewiorowski, hoofd van de EU-privacytoezichthouder. "Het is lastig te voorspellen hoe een balans zal worden gevonden tussen het garanderen van ieders gezondheid en ervoor zorgen dat de wereld een nieuwe start krijgt."

Wiewiorowski kijkt niet alleen naar de maatregelen die overheden hebben ingesteld, maar ook naar de rol van techbedrijven. Tenzij grote techbedrijven een u-bocht maken zullen bepaalde trends in de digitale economie in de nasleep van de crisis verder worden versterkt, merkt Wiewiorowski op. Het gaat dan om een onbalans op het gebied van macht en informatie tussen een klein aantal machtige spelers en het publiek.

Dit kan zorgen voor onvoldoende transparantie en aansprakelijkheid, een toename van ongelijkheid in de verdeling van welvaart en de rol van platformen als poortwachters tot oplossingen, keuzen en informatie, gaat Wiewiorowski verder. Het onderzoek van de EU-privacytoezichthouder zou eind dit jaar gereed moeten zijn.

Alles bij de bron; Security


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha 

 SteunVrijbit

  

PT Banner

BvV

150 voorkom

 

meldpunt misbruik identificatieplicht

BoF2019

Privacy Barometer

Liga voor mensenrechten

EP GegBesch 150

EP PNR 150

alt

150PF150

 150PB150

150FHD150

150PMIO150

 150 QiY150

logo-IDnext

ikhebniksteverbergen