14
december
2011

Dit stukje is (nog niet) afgeluisterd

Minister Opstelten gaf gisteren in antwoord op Kamervragen toe dat het Openbaar Ministerie inmiddels computers hackt bij verdachten van ernstige misdrijven. Dat gebeurt op afstand, heimelijk en met de bedoeling gegevens „op te nemen” of „over te nemen”. Een online doorzoeking is niet aan de orde, aldus de minister, omdat de wet dat niet toelaat.

Maar het doorkijkje dat hij gaf, laat al wel de risico’s zien die de digitale burger als verdachte kan lopen. De Nederlandse politie is aan het hacken en klust bij met spionagesoftware. Deels is dat uit noodzaak door de digitalisering, ook van de onderwereld. En door de opmars van encryptiesoftware, waardoor het klassieke afluisteren steeds minder oplevert. Anonimiteit, versleuteling en de enorme omvang van online dataverkeer zijn grote obstakels bij de opsporing. Politie en justitie moeten daarop antwoorden formuleren.

Maar tegelijk dienen de verantwoordelijke minister en de voorzitter van het College van procureurs-generaal de burger tijdig en volledig te informeren over wat er gaande is. Deze belangrijke informatie kwam nu alleen maar vrij omdat de Tweede Kamerleden Schouw en Berndsen (beiden D66) Duitse webpublicaties over spionagesoftware lazen.

Lees het volledige redactionele artikel bij de bron; recht&bestuur 

Bookmark and Share